OKV2016.4
Christoffel Plantin, een boekbinder-drukker uit Caen, vestigt zich rond 1550 in Antwerpen en start er enkele jaren later een eigen drukkerij: de Officina Plantiniana. Het is het begin van een schitterend verhaal dat drie eeuwen zal duren. In het fraaie stadspaleis op de Vrijdagmarkt laat het Museum Plantin-Moretus in een nieuwe presentatie bladeren in negen generaties boeken.
Stamvader Christoffel Plantijn is een drukker die kiest voor kwaliteit, hij is een briljant zakenman en een gedreven bedrijfsleider, een humanist met een groot netwerk. Al snel vinden schrijvers en wetenschappers de weg naar de Officina. Plantijn brengt die tot grote bloei in een tijd van religieuze en politieke conflicten.
Na de dood van Christoffel Plantijn in 1589 zet zijn favoriete schoonzoon Jan Moretus de zaak voort. Deze selfmade man wordt de belangrijkste drukker van de Katholieke Reformatie. Na Jan Moretus volgen Balthasar I, die samen met zijn jeugdvriend Rubens prachtig geïllustreerde barokboeken uitgeeft, Balthasar II, die in moeilijke economische tijden de Officina overeind weet te houden, en Balthasar III, die kiest voor het mondaine leven. Met Balthasar IV en Jean-Jacques Moretus belanden we in de achttiende eeuw. De Officina is nog steeds de grootste drukkerij-uitgeverij van de Zuidelijke Nederlanden, maar de familie heeft de inkomsten van de zaak niet nodig om er een hoge levensstandaard op na te kunnen houden.