OKV2004.2
Luchtfoto Middelheim-museum (2002)
1. Middelheim-Hoog
2. Middelheim-Laag
3. Uitbreiding 1
4. Uitbreiding 2
Weinig musea hebben zo'n duidelijke en tegelijk open en toekomstgerichte opdracht als het Middelheimmuseum, namelijk het verzamelen en tonen van beeldhouwkunst vanaf 1900 tot nu. Dit in combinatie met het feit dat het om een openluchtmuseum gaat in een eeuwenoud park, geeft deze instelling een heel eigen dynamiek en uniek karakter.
Boven: Bezoek van koning Boudewijn en burgemeester Lode Craeybeckx aan het Middelheimpark op 26 mei 1952. Foto: Filip Tas © SABAM Belgium 2004
Onder: [Anoniem], Zicht op het kasteel van Wilrijk, Zeventiende eeuw, olie op doek, Museum van de Stad Brussel
Lode Craeybeckx, de toenmalige burgemeester van Antwerpen, richtte in 1950 het Middelheimmuseum op, naar aanleiding van een succesvolle tentoonstelling in het park. Onmiddellijk werden aan de hand van een eerste reeks belangrijke aanwinsten zowel de periode, vanaf Rodin, als het internationaal niveau vastgelegd. Vanaf het begin was het de bedoeling een selectief overzicht te geven voor een ruim publiek. De vrije toegang en het recreatief karakter van het park moesten hiertoe bijdragen, alsook het tentoonstellingsprogramma met aanvankelijk hoofdzakelijk de biënnales.
Sinds zijn ontstaan heeft het Openluchtmuseum voor Beeldhouwkunst Middelheim een lange weg afgelegd en ook het museumlandschap in Vlaanderen is ondertussen sterk geëvolueerd. Terwijl Middelheim eerst eigenlijk het enige museum in Vlaanderen was dat zich bezighield met hedendaagse kunst, zijn er gaandeweg heel wat instellingen bijgekomen. Opvallend is nochtans dat deze 'concurrentie' geenszins de eigen aard en de identiteit van het museum aangetast heeft. Integendeel, elke herpositionering binnen het museumlandschap heeft voor een nieuw elan gezorgd. Een sterke troef blijft natuurlijk de periode, die zowel de moderne als de hedendaagse kunst behelst, waardoor, in tegenstelling tot musea voor hedendaagse kunst, niet enkel breuklijnen, maar ook continuïteit tussen de kunstbewegingen van de twintigste eeuw aan bod kunnen komen. Bij confronterende opstellingen van moderne en actuele kunst, blijkt trouwens hoe goed beide het met elkaar kunnen vinden.
Dit werd duidelijk met onder andere tentoonstellingen van Wim Delvoye (1997), Jessica Stockholder (1998) en Timm Ulrichs (2001). Niet enkel de collectie reageerde positief op nieuwkomers, ook het oude park zelf liet zich al die decennia probleemloos met kunstingrepen actualiseren.