OKV2020.2
Middeleeuwse kunst is een inspiratiebron geweest voor vele generaties kunstenaars. Tijdens de renaissance komt die interesse langs de zijlijn te staan ten voordele van de antieke meesters, maar vanaf de negentiende eeuw groeit de belangstelling voor de gotiek opnieuw in functie van het nationalisme. Ook daarna, wanneer alle nationalistische ideologieën op de achtergrond komen te liggen, blijft de gotiek de schilderkunst inspireren. En misschien verrassend: ook de beeldhouwkunst grijpt terug naar de beeldtaal van de middeleeuwen.
Al meer dan een eeuw geleden kreeg Constantin Meunier een expo in Leuven. Affiche Meunier-tentoonstelling in Leuven, 1909, papier
In het bijzonder de beeldhouwers Contantin Meunier (1831-1905), George Minne (1866- 1941) en Auguste Rodin (1840-1917) voelen zich aangetrokken door middeleeuwse kunst. Ze bewogen zich alle drie in dezelfde artistieke kringen en ontwikkelen ongeveer gelijktijdig een eigen stijl. Het is enigszins verbazend dat de vernieuwende beeldtaal van deze kunstenaars teruggaat op eeuwenoude middeleeuwse tradities. En toch is het zo, meent M Leuven. Het museum heeft een rijke middeleeuwse collectie ter beschikking en zag hierin al snel de parallellen met het werk van Rodin, Meunier en Minne. Maar hoe sterk is die gelijkenis dan wel? Welke argumenten haalt het museum aan om deze invloed aan te tonen? In een extra themanummer laat OKV curatoren Peter Carpreau en Marthe Sagewitz aan het woord om deze vragen te beantwoorden.