OKV2009.1
De nieuwe lente brengt een nieuwe tentoonstelling in het MSK Gent. Emile Claus en het landleven confronteert de meester van het 'luminisme' met tijdgenoten die zich door hetzelfde thema lieten inspireren.
Emile Claus, Koeien bij het oversteken van de Leie, 1897-1899, olieverf op doek, 200 x 305 cm. Koninklijke Musea voor Schone Kusten van België, Brussel
Emile Claus (1849-1924) is levenslang een publiekslieveling gebleven. Ook bij collega's lag hij goed in de markt. Hij was vlot in de omgang, spiritueel en minzaam. Geboren observator en voortreffelijk communicator: bij kunstenaars ligt die combinatie niet voor de hand. In het Museum voor Schone Kunsten van Gent was hij zowat kind aan huis en enkele van zijn mooiste werken maken deel uit van de vaste collectie. Dit museum brengt nu de tentoonstelling Emile Claus en het landleven om de meester van het 'luminisme' eens vanuit een andere invalshoek te benaderen. Anders uitgedrukt: Claus in confrontatie met tijdgenoten die hetzelfde thema belicht hebben. Zal hij ons nu weer weten te charmeren? En zal die charme ook afstralen op zijn collega's?
Curator Johan De Smet is er niet op uit om van de tentoonstelling een 'Claus-festival' te maken, noch een herhaling van de grote retrospectieve van 1997 in het PMMK te Oostende, waar uitzonderlijk veel schilderijen, groot en klein, te bewonderen vielen. "Het waren er toen misschien wel een paar te veel," stelt hij achteraf vast, "en het is niet echt zinvol weer eens hetzelfde te doen. Het thema van het landleven, inclusief een confrontatie met tijdgenoten biedt perspectieven die verrassend genoeg tot nog toe amper aan bod gekomen zijn."
Het uitgangspunt is de aanwezigheid van het plattelandsleven in het werk van Claus, waaruit moeiteloos een zestal thema's werd gedistilleerd. In tweede instantie werd dan uitgekeken naar hetgeen tijdgenoten, en vooral geestesgenoten hiermee aanvingen. Resultaat, een compacte selectie van honderd veertig werken, die minder voorspelbaar uitvalt dan men a priori zou denken. Dan mogen thema's zoals het dorp, de rivier, de winter, het veldwerk of sociale typeringen - een term die minder stigmatiserend is dan hetgeen vroeger als boerenkoppen werd bestempeld - voor de hand liggen, de gehelen die zo ontstaan scherpen toch de aandacht. Johan De Smet: "Het is heel plezierig werken, omdat een aantal zaken zeer helder naar voor komen. Zoals de iconografische benadering van het onderwerp, die dicht aanleunt bij de fotografie. De verwantschap met de foto's van Léonard Misonne is opvallend, maar niet enkel bij Claus, ook bij Constantin Meunier of bij Louis Pion."
Het is opvallend hoezeer Claus het onderwerp als neutraal observator benadert, zonder morele noch didactische bijbedoelingen. Anderen zijn meer geneigd een boodschap mee te geven, bij de ene al meer nadrukkelijk dan bij de andere.