OKV2002.1
In Flanders Fields Museum
De ‘Grooten Oorlog’ is enorm in trek. Vooral dan de plaatsen waar hij heeft gewoed. Allerlei musea en monumenten houden de herinnering levend en lokken jaarlijks duizenden bezoekers.
Ik vroeg me al langer af waarom deze streek zo'n aantrekkingskracht uitoefent op al die mensen, dus trok ik op een mooie maar drassige donderdag naar de Westhoek. Als uitgangspunt koos ik leper, hoe kan het ook anders. Als er één stad symbool kan staan voor 'oorlog en lijden', is het leper wel. je maakt het niet alle dagen mee, een stad die een kopie is van zichzelf. Het is gewoon onvoorstelbaar dat hier 80 jaar geleden niets meer overeind stond. Buiten een stukje van het Belfort en de Lakenhallen. Als een sinister teken des doods temidden het puin.
In diezelfde, heropgebouwde, Lakenhallen bevindt zich nu het 'In Flanders Fields' museum. Ondertussen al een begrip. Jaarlijks door honderdduizenden, vaak Engelsen, bezocht. Alle middelen worden er benut om je onder te dompelen in een ervaring die je niet licht vergeet. Welgekozen tekstfragmenten, filmpjes, geluidseffecten, foto's, voorwerpen... werkelijk alles kom je hier tegen. Mooi is dat men er voor gekozen heeft het verhaal van de gewone mens in de oorlog te vertellen, en niet het zoveelste heldenverhaaL
Aangrijpend, dat is het juiste woord. De afdeling waar de gasaanvallen belicht worden mist zijn effect niet: om de zoveel tijd vullen glazen zuilen zich met 'gas' en hoor je bijbehorende geluidseffecten. Je staat er verbijsterd naar te kijken. Idem in het zaaltje waar je enkele getuigenissen kan beluisteren over het leven in de loopgraven. Door middel van film en lichteffecten komt dit alles wel héél dichtbij. De 'ontploffing' die om de zoveel tijd door het hallen knalt doet de rest. Maar het is nooit té. Sensatie is hier ver te zoeken, sereniteit is een veel betere omschrijving. Niet voor niets noemt men zichzelf hier 'vredesmuseum'.