OKV2020.6
Icaros, de brokkenpiloot uit de Griekse mythologie, is beroemder dan zijn vader Daedalos, die er wel in geslaagd is de vlucht van Kreta naar Athene te maken. Terwijl de hoogmoedige Icaros in de Egeïsche Zee stortte, koos Daedalos de gulden middenweg tussen zee en zon en wist veilig te landen, met zijn grote vleugels, gemaakt van vogelveren die hij met bijenwas op een houten constructie had gekleefd.
Sindsdien is de mens blijven dromen van vliegen. Fantasierijk zijn de tekeningen die Leonardo da Vinci eind vijftiende eeuw maakte van allerlei vliegende tuigen. Hilarisch zijn de beelden uit de beginjaren van de film van mannen die zich, net als Daedalos, vleugels hebben aangemeten, een sprintje inzetten en klapwiekend van een heuveltje springen om dan, Icaros achterna, neer te vallen.
Alles veranderde toen Orville en Wilbur Wright op 17 december 1903 met hun Flyer op het winderige strand bij Kitty Hawk in North Carolina verschenen om geschiedenis te schrijven. De eerste vlucht allertijden duurde 12 seconden en de tweedekker had 37 meter afgelegd. Vanaf dan ging het steeds sneller, verder en hoger, al moesten de pioniers-piloten eerst nog vele keren rechtkrabbelen uit hun neergestorte ‘vliegmachienen’.