OKV2026+
Met een zelfportret aan de schildersezel schreef Catharina van Hemessen in 1548 kunstgeschiedenis. In het Antwerpse Snijders&Rockoxhuis treedt ze samen met haar vader Jan voor het voetlicht. Nieuw onderzoek werpt een frisse blik op een familieatelier waarin artistiek talent en onderlinge uitwisseling hand in hand gingen.
Een snorretje, een lege blik en vingers die op een onmogelijke manier in elkaar grijpen. Het kleine vrouwenportret dat Catharina van Hemessen ook al in 1548 schilderde, leek lang geen reclame voor haar kunnen. Kunsthistorici zagen er het onhandige werk van een beginneling in. Het paneeltje verdween in het depot van het Rijksmuseum. Toch bleek tijdens een recente restauratie dat niet alleen de schilderes steken had laten vallen. Door beschadigingen en al te ijverige schoonmaakbeurten waren wimpers, wenkbrauwen en verfijnde details verdwenen. Donkere lijnen onder de steeds transparanter geworden verf bezorgden de vrouw haar schijnbare gezichtsbeharing. En de verstrengelde vingers? Het resultaat van een verkeerde interpretatie bij een eerdere restauratie. Oorspronkelijk speelde de vrouw gewoon met een ring.