OKV1995.3
Door een samenloop van omstandigheden en spelingen van het dynastieke lot maakten de zuidelijke Nederlanden twee eeuwen lang, van 1504 tot 1714, deel uit van het Spaanse wereldrijk.
Jan Provost, Ecce Homo, eind 15de eeuw
De eenmaking gaf een nieuwe impuls aan reeds bestaande handels- en artistieke relaties tussen beide gewesten. Reeds vanaf het begin van de vijftiende eeuw reeds maakte het schiereiland kennis met de "Vlaamse" kunst. Beeldsnijwerk, schilderijen en wandtapijten vonden in grote getallen hun weg naar het zuiden en lagen aan de basis van het ontstaan van een hispano-flamencostijl: Spaanse kunst naar "Vlaamse" voorbeelden.
De relaties, zowel politiek als artistiek en spiritueel, tussen beide gewesten zijn het onderwerp van de tentoonstelling. Nadruk ligt daarbij op de 15de en 16de eeuw.
De tentoonstelling beperkt zich dus niet tot de invloeden op kunsthistorisch gebied. Ze heeft het ook over de geestesverwantschap onder de mystiekers Jan van het Kruis, Teresa van Jezus, de Suso, Geert Grote, Ruusbroec, Herp en de invloed van Erasmus en de polyglotbijbel van Arias Montano, gedrukt te Antwerpen bij Plantin.