Wanneer wij de ring van Rottiers nogmaals goed bekijken, zien we aan de rijke versiering, dat deze techniek de maker ervan inderdaad weinig problemen heeft opgeleverd: de achterzijde van de doos heeft een versiering van palmetten uit pareldraad bestaande, die net het gaatje - nodig om de warme lucht tijdens het verhitten te laten ontsnappen, maar voor Rottiers het gaatje waaruit het gif kwam - verbergt. De zijkant van de doos is versierd met een rankenmotief uit hetzelfde pareldraad en de randen van de ring zijn opgewerkt met banden van glad of gedraaid gouddraad en granulé's.
De bevestiging van de, ook weer uit gouden draden of kokers gedraaide beugel van de ring is zeer geraffineerd: de draden zijn aan de uiteinden in versierde kokertjes gestopt en deze kokertjes zijn door middel van (helaas wat afgesleten) slangen aarr weerszijden van de doos aan de ring verbonden. De voorstelling op de voorzijde van de ring is die van een geknielde Eros - het liefdesgodje - spelend met een instrumentje waar, naar het schijnt, twee vogels opaf komen vliegen.
Wanneer men een lus van draad door twee tegenover elkaar liggende gaten van een knoop haalt en de draaduiteinden vervolgens aan elkaar bindt, krijgt men een speeltuig, dat een zoevend geluid maakt als men de draden dan beurtelings spant en ontspant na ze eerst een keer in elkaar gedraaid te hebben. Het is een in Nederland welbekend kinderspelletje, dat vooral wanneer men de knoop van kleurtjes voorziet, een fascinerende werking niet ontzegd kan worden. De Grieken kenden iets dergelijks, maar vervaardigden daartoe speciale 'wieltjes', die men van spaken, tandjes of linten voorzag.
Deze iunx (spreek uit ièunx) werd gebruikt in de cultus rondom Aphrodite, speciaal met het doel zich de liefde van een aanbeden persoon te verwerven. Men liet waarschijnlijk het wieltje snorren, terwijl men op maat de godin of Eros aanriep en zijn vurige wens te kennen gaf. In de mythologie is lunx een nimf, die zich door haar toverkunst de liefde van Zeus verwierf en uit wraak daarvoor door Hera in een vogel werd veranderd.
Deze vogel (iunx torquilla) wordt in ons land de draaihals genoemd en is alleen tijdens zijn trek vanaf half augustus tot begin oktober in het Oosten des lands waar te nemen. De vogel heeft de gewoonte om in de paartijd door vèr draaien van zijn hals de aandacht te trekken van de partner. Vaak is het antieke iunxwiel dan ook met kleine vogeltjes versierd. De vogels, die op de Haagse ring afgebeeld zijn, zijn zelfs onder een loupe te onduidelijk om te bepalen of zij lijken op deze spechtachtige vogel die veren heeft van een soort boomschorspatroon. Het kunnen bijvoorbeeld ook duiven zijn, een vogel die eveneens met Aphrodite in verband gebracht werd.
Opvallend is, dat niet alleen de Haagse 'slangenring' een voorstelling heeft, die betrekking heeft op de liefde, de meeste andere Griekse ringen van dit doosachtige type beelden eveneens Eros, Aphrodite of attributen van deze goden af. Men kan zich dus voorzichtig afvragen of, daar een Griekse equivalent van onze verlovings- of trouwringen onbekend is, deze zeer fraai bewerkte ringen misschien geschenken waren die geliefden elkaar gaven. Het is daarom misschien zinvol ze meer in het algemeen liefdesringen te noemen.