OKV2003.4
Brussel bevat tal van kleine musea. Enkele daarvan, vaak de voormalige woonsten van de kunstenaars, overtreffen niet de grootte van een gewone behuizing. Vaak bezitten ze pareltjes van collecties. Dit is het geval met het Constantin Meuniermuseum te Elsene, een woning met atelier die de kunstenaar liet bouwen en waar hij zich in 1900 vestigde.
Le marteleur
Het Constantin Meuniermuseum exposeert ongeveer 130 werken (een selectie uit een veel rijkere collectie) waarvan ongeveer de helft uit schilderijen bestaat. Constantin Meunier (1831-1905) begon zijn carrière immers als schilder aan de Academie voor Schone Kunsten te Brussel, met zijdelings, rond 1850, een optie voor de beeldhouwkunst, waarvan hij vrij vlug afstapte. Volgens hem bleef dit medium al te zeer besloten in sjablonen die niet toelieten formele creatieve openingen aan te bieden en waarin hij zijn jeugdige betrachtingen geen vorm kon geven.
Meuniers picturale carrière is van geen bijzondere hoge artistieke kwaliteit. Thematisch is ze echter van zeer groot belang. Hij richtte zijn aandacht op volkse onderwerpen en zijn belangstelling ging uit naar de dagelijkse leefwereld van de arbeiders en hun levens- en werkomstandigheden.
Rond 1880 vertoefde hij herhaaldelijk in de staal- en steenkoolregio's van de Borinage. Wat hij in zijn tekeningen registreerde toont formeel het gebruik van een essentiële, trefzekere eenvoud van lijnen en een opmerkelijke zin voor vormsynthese. Het zijn deze formele constanten van grafische eenvoud en van gebalde volume-opbouw die Constantin Meunier als constanten ook in zijn beeldhouwkunst zal toepassen.
Bovendien zal hij voor zijn plastisch werk onmiddellijk, vanaf 1885, een grootse, heroïsche, veredelde en klassiek-archaïsche vormgeving weten te vinden.