OKV2002.3
In zijn beleidsnota over culturele infrastructuur pleitte de vroegere minister van cultuur Bert Anciaux voor de uitbouw van een Leuvense museumsite.
De voormalige openbare bibliotheek, de academie en het stedelijk museum vormen de kern van dit (ver)bouwproject. Kunsten en erfgoed worden er in samenhang ontwikkeld zonder dat het een afzonderlijk kunstmuseum wordt. De site is ook het startplatform voor het erfgoedconvenant dat de stad met de Vlaamse Gemeenschap zal afsluiten. Ondertussen zitten ze in Leuven niet stil en brengt de stad opnieuw een sterk onderbouwde tentoonstelling, ditmaal rond miniaturen. In tegenstelling tot architecturaal erfgoed zijn manuscripten zelden in de publieke sfeer aanwezig. Vandaar dat het zo uitzonderlijk is om een grote expositie te kunnen bewonderen met alleen maar handschriften.
De wetenschappelijke partners achter Meesterlijke Middeleeuwen zijn het Studiecentrum Vlaamse Miniaturisten en het Walters Art Museum in Baltimore (V.S.). Het Studiecentrum Vlaamse Miniaturisten werd in 1983 opgericht aan de K.U. Leuven en is het enige in de wereld dat de Vlaamse miniatuurkunst als specifiek object behandelt. Het maakt de resultaten van haar onderzoek bekend via het Corpus of Illuminated Manuscripts, waarvan er reeds negen volumes gepubliceerd zijn. Eén van de grote problemen bij dergelijke tentoonstelling is het op peil houden van de voortdurend wisselende temperatuurs- en vochtigheidswaarden.