OKV2021.3
Het atelier van Peter H. Waterschoot bevindt zich in een leegstaand appartement van een mooie maar te renoveren sociale woonwijk uit de jaren dertig in het Gentse. Je op tijd en stond kunnen terugtrekken in bouwkundig erfgoed lijkt me best wel leuk. Fotografen die naast het fotograferen in de wijde wereld voornamelijk aan hun computer zitten, moeten kunnen terugplooien in stilte en rust.
Ik vertel Peter H. Waterschoot (°1969) bij het begin van het interview dat ik zijn tentoonstelling in het Musée de la Photographie in Charleroi gezien heb en dat ik bijzonder waardeerde dat er een bankje in de zaal stond. “Ik heb dat speciaal gevraagd,” zegt hij, “ik wil de mensen uitnodigen om te vertragen.”
Na zijn humaniora moderne talen (wiskunde was niet echt zijn ding) in zijn geboorteplaats Hamme vond Peter H. Waterschoot moeizaam zijn weg. “Ik zat met George Orwell op mijn schoot in de klas tijdens de les esthetica, ik kon dat tegelijkertijd volgen. Daarna ging ik studeren, eerst toegepaste pers en communicatie en daarna regentaat geschiedenis. Dat is allemaal goed verlopen maar ik ben toch niet in het onderwijs gestapt omdat mijn eerste ervaring nogal deprimerend was en ik wou niet als sergeant gaan optreden.”
Er volgde een tijd van diverse jobs. Hij was onder meer concertpromotor binnen het citymarketingproject rond Keizer Karel in 2000. Het was een periode dat hij schilderde en schreef. Een verblijf in Istanboel was de aanleiding voor een reeks foto’s en beschouwingen op de dictafoon. Hij liet dit zien en horen aan een geïnteresseerde vriend. Die zette hem op het spoor van het DKO, het gewaardeerde deeltijds kunstonderwijs. De reis naar het oude Constantinopel en de huidige megapolis Istanboel liet duidelijk sporen na.