OKV2020.6
Graffiti, slam poetry, skateboarden, … al vind je deze (sub)cultuuruitingen tegenwoordig in elke dorpskring terug, toch associëren we hen steevast met de culturele biotoop van een stad. Kunnen praktijken die behoren tot Urban Culture ook immaterieel erfgoed zijn? Natuurlijk.
Youssef Abaoud, bezieler van ‘Byrrrh and Skate’
In dit artikel focussen we daarom als voorbeeld op de skateboardscene. Ontstaan in de jaren 1950 als buurtactiviteit aan de Zuid-Californische kust is deze sport ondertussen uitgegroeid tot een wereldwijd verspreide – zelfs olympisch erkende – discipline. Grote sportmerken verbinden er hun naam aan en sponsorcontracten en wedstrijden zoals de X Games zorgden ervoor dat enkele skaters uitgroeiden tot echte wereldsterren.
Levend erfgoed trekt zich weinig aan van grenzen en reist mee met zijn bezielers. Zo kwam ook Youssef Abaoud als tiener met skateboarden in contact. Vandaag is hij de bezieler van het Brusselse skatepark Byrrrh & Skate in Studio City Gate, Anderlecht. Bij immaterieel erfgoed staat steevast het beoefenen en het borgen (het verzekeren van het voortbestaan) centraal. Youssef Abaoud vertelt ons meer over deze discipline die generaties jongeren blijft bekoren.
“Met Byrrrh & Skate wil ik mijn passie doorgeven en omkadering bieden aan al wie graag wil skateboarden,” vertelt Youssef Abaoud. Aan de bouw van het skatepark ging een heel leven vooraf met daarin een belangrijke rol voor zijn favoriete bezigheid. “Mijn eerste skateboard stelde ik samen uit recyclagematerialen,” start hij zijn verhaal. “Nooit had ik gedacht dat een ‘deck’, twee ‘trucks’ en vier wieltjes mijn latere leven zo drastisch zouden bepalen.” Net als vele jongeren van zijn generatie raakte Youssef Abaoud in de ban van de rage die eind jaren tachtig vanuit Amerika de wereld veroverde. De spectaculaire beelden van jonge durfallen, die op hun skateboard door de lucht zweefden alsof de zwaartekracht op hen geen invloed had, riepen een gevoel van vrijheid op. “We verzamelden magazines en VHS-cassettes waarop skateboarders allerlei ‘tricks’ uitvoerden en oefenden dag in dag uit om al die figuren onder de knie te krijgen, want wij wilden zijn zoals zij: cool, sportief en een beetje rebels.”