Museum Mayer van den Bergh in Antwerpen brengt een wat ondergewaardeerd schildergenre voor het voetlicht: kerkelijke interieurzichten uit de barok.

Willem Schubert von Ehrenberg. lnterieur van de Sint-Carolus Borromeuskerk.  olieverf op marmer,

Willem Schubert von Ehrenberg. lnterieur van de Sint-Carolus Borromeuskerk. 1668, olieverf op marmer, 97,5 x 103 cm - RUBENSHUIS. ANTWERPEN 

Een Antwerps genre

Niet zelden denkt men bij architectuurschilderkunst aan de werken van Pieter Saenredam (1597-1665) en Emanuel de Witte (1617-1692), dé beoefenaars van het populaire genre in de Noordelijke Nederlanden. Toch ontstond dit schildergenre in de Antwerpse metropool, in het laatste kwart van de zestiende eeuw. Het oudste gekende interieurzicht van een bestaande kerk dateert uit 1573 en is van de hand van Hendrik van Steenwijck I (circa 1550-1603). Hij vereeuwigde het interieur van de Dom van Aken. Het was in diezelfde stad dat Van Steenwijck collega Hans Vredeman de Vries (1525/26-circa 1609) tegen het lijf liep. Dat was geen fait divers, want de architectuurtraktaten van De Vries uit Friesland bepaalden mee het verloop van de architectuurschilderkunst. Vooral met zijn wetenschappelijke geschriften over architectuur en de mathematisch perspectief was hij invloedrijk. Pieter Coecke van Aelst (1504-1550) was minstens even belangrijk voor het perspectiefgenre. Met zijn ontwerpen, prenten en architectuurboeken over onder anderen de architect en theoreticus Sebastiano Serlio (1475-1554) hield hij Vredeman dan weer in de ban.

Een Antwerps genre dus, zij het op aangeven van buitenlanders en in die zin vergelijkbaar met de Vlaamse primitieven, waarvan de bekende namen meer niet dan wel uit het graafschap Vlaanderen kwamen. Zowel Vredeman de Vries als waarschijnlijk ook Van Steenwijck I kwamen uit de Noordelijke Nederlanden. De Duitse kunstenaars Willem Schubert von Ehrenberg (1636-circa 1676) en Antoon Gheringh (circa 1620-1668) kwamen naar Antwerpen, werden lid van het Sint-Lucasgilde en legden zich toe op de architectuurschilderkunst. Vóór de Beeldenstorm (1566) en de Val van Antwerpen (1585) was de stad een magneet voor kunstenaars. Daarna maakte men de  omgekeerde beweging en trok men vanuit Antwerpen noord- en oostwaarts. Een intellectuele en artistieke hersenvlucht was het gekende gevolg.

Dit artikel is beschikbaar voor abonnees

Een abonnement kost slechts €59 euro per jaar  (leraren €55 en studenten €51) en je ontvangt daarvoor 6 publicaties.

Reeds abonnee? Dan kan je hier inloggen.

Abonnement

Een abonnement kost slechts €59 euro per jaar  (leraren €55 en studenten €51) en u ontvangt daarvoor 6 publicaties.

Abonnement online

Lees alle artikels van OKV online en doorzoek de voorbije vijftig jaargangen voor slechts €31.

Abonnement + Museumpas

Wie een nieuwe Museumpas (€62) aanschaft samen met een OKV-abonnement (€59) betaalt slechts €117 i.p.v. €121voor combi museumpas en abonnement.

Proefabonnement

Proef eens van OKV.
Voor €32 krijg je drie nummers toegestuurd.