OKV2024.6
Speelgoedmusea hinken op twee benen: hoe bewaar je museaal erfgoed en bedien je tegelijkertijd grijpgrage kinderhandjes? Het vernieuwde Speelgoedmuseum in Mechelen verminderde het aantal tentoongestelde stukken en trok daarmee resoluut de kaart van het spelplezier.
Wie herinnert zich nog het chaotische Speelgoedmuseum in Elsene? In een gigantische herenwoning, verspreid over meerdere verdiepingen, kon je er als kind uren rondneuzen. Het meeste speelgoed mocht je zelfs aanraken. Het is helaas al een tijd gesloten na een conflict tussen de eigenaars van het gebouw en van de verzameling.
In Mechelen wensten speelgoedverzamelaars Jef Heylen en Frieda De Smedt hun collectie te delen met het publiek. Ze openden in 1983 een speelgoedmuseum in de Frederik de Merodestraat. Met de steun van de stad Mechelen en schenkingen groeide het museum snel en verhuisde naar Mechelen-Nekkerspoel. Het kreeg een erkenning als museum in 1999 en werd in 2003 ingedeeld bij het bovenlokaal niveau. Met meer dan 35.000 objecten en 1.250 gespecialiseerde boeken groeide het museum uit tot een referentie in België en zelfs Europa.
Het verwierf in die 40 jaar ook naam bij scholen die letterlijk tot vlak naast het museum konden sporen in Mechelen-Nekkerspoel. Tijdens de topjaren ontving het museum jaarlijks 100.000 bezoekers. Maar er kwam meer en meer concurrentie in het aanbod voor families en scholen. Alleen al in de onmiddellijke omgeving installeerden zich Technopolis en ZOO Planckendael.