OKV2007.3
De secretaris van de stadhouders van Holland, Zeeland en Utrecht vergezelde Willem III, prins van Oranje en koning van Engeland, in 1691 tijdens diens bezoek aan het Erasmushuis. Constantijn Huygens zegt er in zijn journaal bij dat toen al de traditie bestond om deze bezienswaardigheid te bezoeken. Meer nog: zonder Erasmus zou dit huis allang gesloopt zijn. De victorie van het behoud van burgerlijke bouwkunst begint in Anderlecht.
Anoniem meester (naar Quinten Metsys), Sint-Hiëronymus, mediterend over de dood, ca. 1520, olie op hout. Collectie Erasmushuis, Anderlecht
Velen kennen Desiderius Erasmus (ca.1469-1536) vooral als humanist, filosoof en schrijver, weinigen weten nog dat hij priester was en - ondanks aanvaringen met de censuur - nooit uit de Kerk is gezet. De in Rotterdam geboren wetenschapper heeft daar het oudste publieke standbeeld van Nederland, al in 1549 werd er een houten standbeeld opgericht. Het huidige bronzen, uit 1622 is van Hendrick de Keyser en het vijfde beeld in successie, en het enige uit die eeuw. Standbeelden oprichten voor nationale figuren vond pas ingang in de tweede helft van de negentiende eeuw, in Noord- niet anders dan in Zuid-Nederland.
Zijn geboortehuis bestond toen weliswaar nog (tot aan het bombardement van 1940) maar elders in Europa zijn de letterlijke voetsporen van Erasmus, afgezien van zijn graf in Bazel, vrijwel uitgewist. Behalve in Anderlecht, toen nog een plattelandsdorpje met 300 zielen, waar hij gastvrijheid genoot van Pieter Wichman, kanunnik van de collegiale kerk van Sint-Pieter en Sint-Guido, even verderop. Het grote huis is uit 1515, een tamelijke nieuwbouw in rode baksteen met zandstenen kruisvensters toen Erasmus het eind mei 1521 betrad, en op 28 oktober datzelfde jaar verliet, om nooit meer naar de Lage Landen terug te keren.