OKV1999.2
In het België van de jaren 1880-1890 bracht James Ensor een omwenteling teweeg in de toenmalige schilderkunst. Na zijn eerste naturalistische pogingen en zijn interesse voor het licht en het palet van de impressionisten, kwam hij zeer snel tot een preëxpressionistische formele taal en een meer innerlijke visie op de wereld, in het grensgebied van de droom, de toverij en zelfs de hallucinatie. Twee steden zijn erg belangrijk geweest voor zijn leven en werk.
James Ensor, De duivels die mij kwellen, 1985. Ets.
James Ensor werd geboren en overleed in Oostende, de badplaats die onder Leopold II behoorlijk in trek was. Zijn roeping als kunstenaar kwam er al spoedig tot uiting, door de aanraking met de zee, de polders en het legendarische carnaval, die stuk voor stuk inspiratiebronnen voor zijn werk zullen worden. De kunstenaar zal erg gehecht blijven aan zijn geboortestad en zijn familiale omgeving, die hij slechts verliet voor enkele zeldzame studiereizen naar Parijs, Londen of Nederland.
Het vertrekpunt van de tentoonstelling zal de drukgrafiek van James Ensor zijn. Afzonderlijke etsen en diverse themagroepen binnen zijn grafiek zullen geconfronteerd worden met bladen van andere grafici. Zo zullen duidelijke prototypes van bepaalde Ensoretsen in de etsen van Rembrandt, in de litho's van John Martin en in de illustraties van Ignace-Isidore Grandville naast etsen van Ensor hangen.