OKV2002.4
Ruim twee decennia na de islamitische revolutie van 1979 hebben bijna 180 kostbare voorwerpen het Iraans Nationaal Museum in Teheran verlaten, om het Europees publiek kennis te laten maken met de betekenis van de pre-islamitische cultuur van Iran.
Heel wat van de tentoongestelde meesterwerken waren nooit eerder aan het publiek voorgesteld. De tentoonstelling was al te zien in Wenen en in Bonn.
Beker met dubbele fries
Uit de huidige stand van het archeologische onderzoek blijkt dat in alle Iraanse regio's van het 7de tot het 4de millennium afbeeldingen van dieren, vooral runderen, maar ook roofdieren en slangen, te vinden zijn. Ornamentele diervormen fungeren als decor op vaatwerk of als kleine sculpturen. Afzonderlijke elementen, zoals de horens, worden vaak bijzonder benadrukt of ornamenteel vervormd.
Volgens de huidige opvattingen stond de kunst van de Achaemenieden ten dienste van de staat. De koning gaf opdracht tot het maken van kunstwerken waarin zijn heerschappij werd bevestigd en verheerlijkt. Of het nu ging om architectuur of kleine kunstvoorwerpen, religieuze kunst of versiering van privé-vertrekken, al deze kunstvormen moesten steeds tegemoet komen aan de eisen van de koning.
Het omzetten van een idee in een kunstwerk was een belangrijke taak, die uitgeoefend werd door hoge hofbeambten. Zij stonden bovenaan in de hiërarchie en legden rechtstreeks aan de koning verantwoording af. De ambachtslui die nadien voor de praktische uitwerking instonden, kwamen vermoedelijk uit verschillende satrapieën van het uitgestrekte rijk. Behalve over de hofkunst is er ook een en ander bekend over het dagelijks leven van de gewone burgers. Al bij al is dit echter niet zoveel, gezien woonhuizen meestal werden opgetrokken in leemtegels die in de zon gedroogd werden.