Manor Grunewald ontving vorig jaar de Fortis Young Artistic Talent Award en is nu geselecteerd voor de tentoonstelling en de prijs van de Jonge Belgische Schilderkunst in Bozar.  

Autodidact in de prijzen

Manor Grunewald, De installatie op de ARCO-kunstbeurs in Madrid,

De installatie op de ARCO-kunstbeurs in Madrid, 2011, Stand van Galerie Fortlaan 17

De bezoekers van de ARCO-kunstbeurs in Madrid zijn wel wat gewoon, maar ze keken toch raar op bij de stand van Galerie Fortlaan 17 waar Manor Grunewald (°1985) zijn schilderijen deels had opgehangen en deels tegen de muur had geplaatst of tegen andere schilderijen aan. Sommige werken kon je amper zien. Het was niet een stand in opbouw waar de werklieden even aan een pauze toe waren, nee, het was gewoon de wijze waarop Manor zijn werken wilde presenteren, een installatie zeg maar. Elk werk op zich staat er individueel, maar kan evengoed onderdeel zijn van een installatie. Een tentoonstelling is eigenlijk ook een installatie, want werken communiceren met mekaar, of je dat nu wil of niet.  

Manor Grunewald is een rasechte Gentenaar en een kunstenaar die zich geregeld laat opmerken omdat hij aan wedstrijden deelneemt en er verdiend de prijzen wegkaapt. Zo mocht hij in 2010 de Fortis Young Artistic Talent Award voor schilderkunst in ontvangst nemen. Maar veel belangrijker: hij is genomineerd voor de tentoonstelling en de prijs van de Jonge Belgische Schilderkunst in Bozar.  

Manor Grunewald beschouwt zichzelf als een autodidact en vermeldt dat ook met enige fierheid in zijn curriculum. Het secundair onderwijs doorliep hij aan verschillende scholen om uiteindelijk een diploma te halen via de middenjury. Daarna volgde hij wat lessen aan de Gentse academie en kreeg er te maken met kunstenaars en lesgevers Vincent Geyskens en Paul Casaer. Ook hier maakte hij de studie niet af maar hij onderhoudt de contacten als nuttige momenten van reflectie. In het Gentse was hij ook een tijd erg bedrijvig als graffitikunstenaar, iets wat zich in zijn werk laat voelen.

Manor Grunewald

Manor Grunewald

Picabia en Kippenberger

Als jonge kunstenaar kent Manor Grunewald een steile opgang. Op je vijfentwintigste voor de beurs in Madrid gepresenteerd worden, dat betekent toch iets. Zijn beeldtaal spreekt een groot publiek aan. Hij vertolkt de geest van onze tijd. Hij recycleert beelden en schenkt ze een nieuw leven. Hij vergroot ze uit, haalt ze uit hun historische context, geeft ze een nieuwe betekenis en biedt daardoor een verfrissende kijk op de wereld. Hij maakt gebruik van iconen uit de reclame, van foto's en tekeningen die hij vindt in magazines en tijdschriften, hij verzamelt ook koppen en titels uit kranten en weekbladen en gaat ze schilderen, opblazen tot bijna verdrukkende proporties om ze daarna weer te verdoezelen onder een nieuwe laag, zodat ze moeilijk of soms amper nog leesbaar zijn. Ze krijgen daardoor een meervoud van betekenissen. Die veelgelaagdheid - soms heel letterlijk te nemen - is kenmerkend voor het werk van Grunewald.  

Manor Grunewald, Effective refreshing, Looking for colorfull contrasts, 2010, olieverf en acryl op doek,

Links: Effective... refreshing, 2010, olieverf op doek, 80 x 70 cm, Privécollectie

Rechts: Looking for colorfull contrasts, 2010, olieverf en acryl op doek, 50 x 60 cm

Soms oogt zijn werk heel attractief, lokt het de toeschouwer op een of andere manier om dichterbij te komen en dan slaat het toe, toont het de weerhaken die in zowat elk werk van hem aanwezig zijn. Dat maakt het juist boeiend. Dat wil niet zeggen dat het werk opbolt van de ernst, integendeel, humor speelt een niet onbelangrijke rol, maar soms is die humor wel wrang.  

Tijdens ons gesprek verwijst hij naar de kunstenaars die hij bewondert en vernoemt Francis Picabia (1879 -1953) en Martin Kippenberger (1953 -1997). Veel van Picabia's werk was geïnspireerd door bestaand beeldmateriaal. Zo knipte deze Franse schilder bijvoorbeeld onderdelen voor schilderijen uit handboeken voor technici of monteurs. Hij maakte gebruik van foto's en citeerde onbekommerd uit de geschiedenis van de westerse kunst. De generaties jongere Martin Kippenberger was een allround kunstenaar die soms op een cynische wijze de spot dreef met de kunstwereld en het functioneren van de schilderkunst in het bijzonder. 

Het is dus niet toevallig dat Grunewald juist die twee figuren als zijn helden aanhaalt. "Picabia heeft zeer extreme beelden gemaakt en zijn werk getuigt van een erg grote diversiteit. Dat trekt me aan."

Zonder verpinken verenigt de kunstenaar in zijn schilderijen de verworvenheden van de abstracte schilderkunst, gaande van de geometrische tot de lyrische abstractie, met de beeldtaal van de pop art, de strip en aloude grafische technieken.

Manor Grunewald, Don't trust foreign chewing gum, Installatie in de Bogardenkapel

Don't trust foreign chewing gum, Installatie in de Bogardenkapel te Brugge, 2009

Zonder titel

In de loop van 2010 kreeg Manor Grunewald de gelegenheid om als artist in residence enkele maanden in Frankfurt te verblijven. Dat was een periode die hem bijblijft omdat hij er zeer geconcentreerd kon werken in een goed atelier en zonder al te veel afleiding. In Gent beschikt hij ook over de nodige ruimte en is op het moment van dit interview voornamelijk bezig met het voorbereiden van zijn tentoonstelling in Bozar. Hij wil er een installatie maken met een industriële wand, rechtgehouden door namaakzandzakjes. Aan de wand hangen dan zijn nieuwe schilderijen, andere worden in verpakkingskisten gepresenteerd. Hij wil hier de sfeer van een museumdepot oproepen.  

De installaties van Manor zijn soms erg beklijvend. Zo maakte hij in de Bogardenkapel te Brugge in 2009 een installatie met de titel Don't trust foreign chewing gum. Op de muur tussen twee beeldnissen in had hij op grafische wijze twee dames met tandpastaglimlach weergegeven.  

Hieronder lag een aantal kruisen. Ze waren met een geometrisch motief kleurrijk beschilderd. De kruisen rustten op een stapel doodshoofden. Een installatie die desondanks een glimlach oproept en toch niet nalaat een boodschap mee te geven. Uiteraard voor heel veel interpretaties vatbaar. 

Zelf zegt hij: "Ik wil geen titels gebruiken die in een bepaalde richting duwen. Mensen moeten vrij kunnen interpreteren." Dat is natuurlijk slechts gedeeltelijk waar, elke titel geeft een richting, zet op weg. Een titel kan misleidend zijn, maar geeft altijd informatie, zelfs als er Zonder titel staat. Bij Grunewald werken titels veelal relativerend en dat komt het werk ten goede. 

Manor Grunewald, What If Rubens Didn't Cut His Hair, in situ muurschildering,

What If Rubens Didn't Cut His Hair, in situ muurschildering, 620 x 270 cm, Be-Part Waregem, 2009

Kunstenaars zijn kannibalen

In BePart, het centrum voor actuele kunst van de provincie West-Vlaanderen te Waregem, heeft Manor in 2009 een muurschildering uitgewerkt in het lokaal dat gebruikt wordt voor workshops. What if Rubens didn't cut his hair is in feite een geslaagde installatie die de ruimte mee bepaalt en erin is geïntegreerd. In de titel geeft hij meteen zijn inspiratiebron prijs en trekt hij de aandacht op wat hij ermee heeft gedaan.  

"De teksten op mijn schilderijen zijn soms amper leesbaar maar gaan in wezen altijd over kunst en kunstenaars. Kunstenaars zijn ook een beetje kannibalen, we gebruiken andere kunstenaars." Tekstbeeld en collage kan nogal eens verwant zijn. Het is dan ook niet verwonderlijk dat hij regelmatig in de weer is met schaar, lijm en papier. Zijn collages ziet hij wel degelijk als zelfstandige werken, maar ze zijn tegelijkertijd vormen van uitproberen, van zoeken en vinden. Hij gaat ze nooit letterlijk overnemen in zijn schilderijen maar ze geven een richting, ze vormen een bijkomende inspiratiebron. Het is ook voor de aandachtige kijker een interessante bron om te zien hoe de kunstenaar te werk gaat. Hoe hij de beelden die hij verzamelt gebruikt, ze ontdoet van hun betekenis, ze soms versplintert en gebruik maakt van de formele elementen om nieuwe vormen te creëren. De betekenis komt dan quasi uitsluitend voort uit de nieuwe vorm die ontstaat. Soms is het de combinatie van beide.  

In het najaar brengt Manor Grunewald een nieuwe solotentoonstelling in Galerie Fortlaan 17 onder de welluidende titel I allways wanted to be David Copperfield but I turned out to be a painter. Hij ziet enig verband tussen goochelen - hij verwijst hier immers naar de wereldberoemde goochelaar en niet naar de romanfiguur van Dickens - en schilderen. Uiteindelijk scheppen ze allebei illusies. Het moet gezegd dat hij een en ander meesterlijk doet.

Tentoonstelling

Prijs van de Jonge Belgische Schilderkunst - nog tot 11 september 2011 - Bozar, Brussel. I allways wanted to be David Copperfield but I turned out to be a painter, 18 november 2011 tot 30 januari 2012, Galerie Fortlaan 17, Gent. n.v.d.r. MAANDAG 12 MEI 2014, Galerie Fortlaan (Gent) stopt ermee !

Publicatie

Propose a course of action, a solution to an issue, or questions for further study met een tekst van Mieke Mels (NL/E)

Download hier de pdf

Manor Grunewald