OKV2026.5
Op 3 oktober heropende het Gentse Design Museum. De afgelopen twee jaren bouwde men aan een nieuwe vleugel voor tijdelijke expo’s, lezingen, workshops en events. Maar niet alleen de infrastructuur is nieuw. Er waait een frisse wind door de museumzalen, oud en nieuw.
Het museumcomplex in het historische hart van Gent was al een bijzondere puzzel van gebouwen. In 1923 werd de designcollectie, toen zo’n twintig jaar oud, ondergebracht in een achttiende-eeuws stadspaleis, het Hotel De Coninck. In 1975 volgde een eerste uitbreiding: Stad Gent kocht het omliggende fabriekspand en twee huizen in de Drabstraat, waaronder het zestiende-eeuwse Huis Leten. En in 1992 opende het museum al een eerste gedurfde nieuwbouw, van de hand van architect Willy Verstraete (1939).
Design Museum Gent
In het midden van de site bleef nog een ongebruikt perceel en een verwaarloosde zuidelijke doorgang over. Genoeg plaats dus voor het sluitstuk van het Design Museum. Letterlijk, want de nieuwe vleugel verbindt de bestaande museumgebouwen tot een samenhangend geheel en maakt de bezoekersroute compleet.
Op 3 oktober heropende het Design Museum na twee jaar bouwen niet zomaar een nieuwe vleugel, maar een architecturale landmark van ontwerpteam Carmody Groarke, ATAMA en RE-ST architectenvennootschap. Het nieuwbouwgedeelte torent met een extra verdieping uit boven de omliggende historische puntdaken.
Het is een opvallende hedendaagse interventie, die toch harmonie zoekt met zijn omgeving. De compositie van het gebouw is namelijk geïnspireerd op het ritme van de gilde- en koopmanshuizen van Gent, en de witte kleur op de historische huizen in de Drabstraat. De gebruikte bakstenen zijn Gent Waste Bricks, energiezuinige bakstenen die voor een deel geproduceerd zijn uit lokaal ingezameld gemeentelijk afval. Hun afmetingen komen overeen met die van het achttiende-eeuwse Hotel De Coninck.