Twee vrome vrouwen

De Groeningeabdij en het Broelmuseum vormen de Stedelijke Musea van Kortrijk. Beide zijn gratis toegankelijk en liggen in het hart van de stad, vlakbij de Broeltorens en het Begijnhof. Samen geven de Stedelijke Musea een boeiend overzicht van de rijke Kortrijkse cultuurgeschiedenis.

Portret van Johanna van Constantinopel, gravin van Vlaanderen (1205-1244), Onbekende meester, 18de eeuw, Olie op doek,  Kortrijk

Portret van Johanna van Constantinopel, gravin van Vlaanderen (1205-1244), Onbekende meester, 18de eeuw, Olie op doek, 193 x 114,5 cm

Op het moment dat graaf Boudewijn IX in 1204 keizer wordt van Constantinopel, bevindt zich tussen zijn trouwste medewerkers een zekere Walter van Kortrijk, klerk en later ook zegelbewaarder van het grafelijke scriptorium. Voor bewezen diensten ontvangt Walter het leen Rodenburg, gelegen in het huidige Marke, deelgemeente van Kortrijk. Zijn twee dochters Johanna en Agnes erven dit leen en stichten er rond 1238 een cisterciënzerinnenabdij ter ere van Onze-Lieve-Vrouw. De grote weldoenster van deze abdij is gravin Johanna van Constantinopel, de dochter van Boudewijn IX.

Als blijkt dat Rodenburg geen veilige plek meer is voor de zusters, verhuizen ze naar Groeninge, een weiland in de onmiddellijke buurt van Kortrijk en de Leie. Daar bouwen ze rond 1265 de Groeningeabdij, die milde steun mag ontvangen van Beatrijs, burchtvrouw van Kortrijk en weduwe van Willem van Dampierre.

Zijn jongere broer Gwijde van Dampierre is graaf van Vlaanderen op het moment van de Guldensporenslag. Die vindt plaats vlak in de buurt van de toenmalige abdij en volgens de overlevering worden enkele vooraanstaande gesneuvelden daar begraven.

Tijdens de godsdienstoorlogen van de zestiende eeuw wordt het klooster geplunderd en verlaten de zusters hun abdij. Ze laten een nieuw onderkomen optrekken dichter bij de stad, in de Groeningestraat. Daar beleeft de abdij tijdens de zeventiende eeuw een grote bloei. De sterke persoonlijkheid van abdis Catharina Doens (1618-1646) en de miraculeuze uitstraling van het beeldje van Onze-Lieve-Vrouw van Groeninge zijn hier niet vreemd aan. In de achttiende eeuw treedt een vervlakking op en tijdens het Franse Bewind wordt de abdij (zoals zovele andere in Vlaanderen) afgeschaft, met verkoop van alle goederen. Een deel van het roerend kerkelijk patrimonium komt terecht in de Sint-Michielskerk bij de paters jezuïeten.

Dit artikel is beschikbaar voor abonnees

Een abonnement kost slechts €59 euro per jaar  (leraren €55 en studenten €51) en je ontvangt daarvoor 6 publicaties.

Reeds abonnee? Dan kan je hier inloggen.

Abonnement

Een abonnement kost slechts €59 euro per jaar  (leraren €55 en studenten €51) en u ontvangt daarvoor 6 publicaties.

Abonnement online

Lees alle artikels van OKV online en doorzoek de voorbije vijftig jaargangen voor slechts €31.

Abonnement + Museumpas

Wie een nieuwe Museumpas (€62) aanschaft samen met een OKV-abonnement (€59) betaalt slechts €117 i.p.v. €121voor combi museumpas en abonnement.

Proefabonnement

Proef eens van OKV.
Voor €32 krijg je drie nummers toegestuurd.