OKV2008.2
Jan Cox (1919 – 1980) is een Belgisch kunstenaar die ondanks zijn veelzijdige artistieke inzet tot op heden voor velen een onbekende is gebleven. Zijn omvangrijke oeuvre incorporeert nochtans een aantal meesterwerken, hij uitte talrijke kunsttheoretische reflecties en cultuurfilosofische beschouwingen en hij beleefde zijn artistiek docentschap als een roeping.
Links boven: Portret van Pierre Alechinsky, Boston 1965, olie op doek, 127 x 102 cm. Brussel, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten van België
Links onder: Jan Cox in De Zwarte Panter werkend aan De Ilias van Homeros, 1974, Archief Zwarte Panter
Rechts boven: Hugo Claus en ik, Rome 1955, olie op doek, 118 x 70 cm. Verzameling Parisbas Bank België
Rechts onder: Achilles en de smekende Priamos, Antwerpen 1975, acryl op doek, 130 x 180 cm. Privéverzameling
Het hele leven van Jan Cox stond in het teken van een humanistisch project, gestoeld op menselijke waardigheid en gevoed door het beginsel van individuele vrijheid. Hierdoor dichtte hij de kunstschepping een maatschappelijke verantwoordelijkheid toe in een verzuchting ethische en esthetische dimensies met elkaar te verbinden.
Vanuit deze optiek dient het belang van zijn esthetische paradigma begrepen te worden. Precies dit consequente vasthouden aan een vooropgesteld model ligt aan de basis van wat sommigen bestempelden als anachronisme. Met de kunsttraditie in het achterhoofd verkende Jan Cox het eigentijdse kunstgebeuren in België en Amerika en selecteerde hieruit wat hij vanuit zijn teleologische gedrevenheid vruchtbaar achtte. Eerder dan aansluiting te zoeken bij de artistieke actualiteit bestond zijn ambitie erin zijn boodschap met overtuigingskracht te ventileren.
In nauwe aansluiting hiermee ontwikkelde hij talrijke reflecties over kunstcreatie en artistieke beleving en becommentarieerde hij kunstenaars met wie hij zich verwant voelde. Samen met de moeilijke inpassing van zijn oeuvre binnen een lineair model van kunstgeschiedschrijving, gebaseerd op breuklijnen en vernieuwingstendensen, werd hem deze intellectuele omkadering van kunst ten kwade ge duid. Gewijzigde kunstbenaderingen, postmodernistisch gedachtegoed en vertrouwdheid met conceptuele dimensies laten vandaag toe zijn kunstenaarschap met een frisse blik te bekijken.
Een focus op dialectische processen tussen kunstenaar en creatie, gesitueerd in het verlengde van contextuele interesses, opent nieuwe perspectieven en werpt een totaal ander licht op het oeuvre. Recent onderzoek naar de onderlinge dynamiek van subjectgebonden determinanten, artistieke stimuli en contextuele aspecten voerde tot een beeldvorming van Jan Cox' kunstenaarschap vanuit een humaan perspectief, met aan dacht voor individuele maar ook algemeen menselijke en maatschappelijke connotaties. De tentoonstelling is niet als retrospectieve geconcipieerd maar belichaamt vooral het verlangen de warmte waaruit het oeuvre is ontstaan aan het beeld terug te geven.