Het is duidelijk dat Joris Ghekiere niet enkel een goede schilder is, hij beheerst het ambacht, hij is daarenboven een goede kunstenaar, hij heeft iets te vertellen en datgene wat hij wil vertellen doet hij met zijn plastische taal, met beelden.  En die beelden zijn er niet alleen voor de goede verstaanders.

Het eerste werk dat ik ooit van Joris Ghekiere (°1955) zag, was op de tentoonstelling van de Europaprijs 1980 in Oostende. Hij kaapte er één van de zilveren medailles weg.  Later was hij nog wel meer te zien op die prestigi­euze wedstrijd. Het was leuk om telkens een evolutie waar te nemen in het werk van deze talentvolle schilder.
In 1982 was hij geselecteerd voor de ten­toonstelling 'Actuele Beelding' in het ICC te Antwerpen en een jaar later exposeerde hij in de tentoonstelling '7 x Actuele Kunst' in de Gele Zaal. Het waren de jaren van de "nieuwe wilden", de jaren dat het gestuele, expressieve en picturale schilderen de Europese kunstscène opnieuw in beweging bracht als een reactie tegen het puur conceptuele, het koele en afstandelijke in de kunst.
Willy Van den Bussche schrijft in de catalagus van '3 x Schilderen. Jonge schilderkunst in Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Zeeland' (1985): "Wel theatraal, niettegenstaande het monochroom kleurgebruik, is door de monumentaliteit en de vormverwijzingen naar oerculturen het werk van Joris Ghekiere. Zijn groots opgezette doeken, los tegen de wand opgehangen, herinneren nog, door het gebruik van onregelmatig gesneden zeildoek, aan de Arte  Povera en zijn dan ook conceptualistisch van opzet. Hij gaat eigenlijk in tegen zijn eigen juist vooraf­gaande werk dat vooral de expressieve schil­derwijze en felle kleuren prefereerde om uitdrukking te geven aan een grote ritmische dynamiek van figuratieve voorstellingen.
De vormen komen thans rechtstreeks uit het decoratief alfabet van primitief rituele voor­werpen die hij uitvergroot en verandert tot monumentale structuren. Alleen de inhou­delijke verwantschap met zijn vroege werk blijft behouden." Hiermee wordt duidelijk dat de jonge kunstenaar volop aan het zoeken en experimen­teren is.

Een jaar op reis

De jaren '80 zijn een boeiende periode met heel wat jong aanstormend talent en met exuberante prijzen op de internationale kunstmarkt, die evenwel instort met de economische crisis. De kunst plooit zich op zichzelf terug, de royale formaten van de schilderwerken worden beduidend kleiner en sommige kunstenaars verdwijnen zelfs volledig uit het blikveld.  Joris Ghekiere kiest ervoor een jaar op reis te gaan.  Hij verkent India en het Verre Oosten.  Het is een bezinningstocht, een periode waar indrukken worden opgeslagen en inzichten rijpen.  Hij komt verrijkt terug.
In 1993 is zijn werk opnieuw te zien op de Europaprijs, het is anders nu, het heeft in zich al de aanzet voor zijn huidige oeuvre. Het werk straalt een zekere dreiging uit en toch is het afgebeelde neutraal of 'onschuldig', het gaat om meubelair, architectuur.  In 1995 exposeert hij in de toenmalige Galerie Art Box in Waregem samen met Philip Ag­uirre y Otegui.  Eén van de werken daar is me altijd bijgebleven, niet omdat ik het 'mooi' vond, wel omdat het me zo intrigeerde, omdat het beeld zo sterk appelleerde.  Het toont een meubel in een landschap. Het meubel is rechthoekig en redelijk diep, althans zo lijkt het.  De linkerkant van het meubel wordt in beslag genomen door een reeks van vier boven elkaar geplaatste laden.  De gesuggereerde diepte van de binnenkast klopt helemaal niet met de zichtbare afmetingen van het meubel. Het landschap waarin het zich bevindt is rijk aan bomen en struikgewas en toch is het geen vriendelijk of uitnodigend landschap, het roept geen arcadische fantasieën op. Hoe komt dat? Het is de dreiging die van die kast uitgaat, met zijn veel te grote binnenzijde, die het landschap een onbehaaglijk accent geeft.  Een bijzonder werk.

Opnieuw erbij

In 1999 wordt in het Muhka een bijzondere tentoonstelling gehouden: 'Trouble Spot Painting', een tentoonstelling samengesteld door de inmiddels internationaal gerenom­meerde Luc Tuymans en door Narcisse Tordoir.  Ook hier is Ghekiere met twee belangrijke werken aanwezig.  Het gaat hier nog om olieverfschilderijen op doek, maar overdekt met een laag polyurethaan. Het ene doek stelt twee luxueuze uurwerken voor, ze lijken zo uit de reclame weggeplukt. De reclame zoals je ze kan vinden in glossy magazines. Toch zie je meteen dat het hier niet om reclame kan gaan, de horloges zijn niet gedetailleerd weergegeven, een merk­naam ontbreekt.  Het is een beeld dat je niet loslaat, het irriteert je een beetje, het lijkt zo gewoon en het is het niet.  En daardoor juist gaat er weer dat dreigende, dat verontrus­tende sfeertje van uit. In de polyurethaan­ vernis heeft de kunstenaar zwart pigment vermengd. Het beeld dat ooit moest verlei­den, verliest zijn glans en wordt bedreigend.
Ook het andere werk in de tentoonstelling is overgoten met polyurethaan en op het eerste  gezicht van  een stralende onschuld.  Op een lichtgroene achtergrond zitten twee (exotische?) vogels in de takken.  De takken werpen heel afgetekende schaduwen af op die groene achtergrond. Ook de takken zijn groen. Eigenlijk heb je weinig houvast om­trent het beeld. Gaat het hier om een beeld uit de natuur?  Of is het een momentopname uit een volière? Of zou het hier kunnen gaan  om een setting met opgezette vogels?  Het lijkt wel een een onscherpe foto met een gebrekkige kadrering.  Het is een beeld dat je voorbijloopt en je even daarna afvraagt wat je nu precies gezien hebt.  Weer die onrust.  

Joris Ghekiere zegt van zichzelf:  "Ik ben geen fundamentalistische schilder, schil­derijen zijn voor mij objecten die ik bewerk met zeer diverse middelen. Met mijn schil­derijen ga ik in op een concrete situatie, op wat er leeft in de wereld."  Eigenlijk gaat het hem om de boodschap, om het beeld zelf. De beelden die Joris Ghekiere neerzet zijn van een veelvoudige gelaagdheid, ze zijn makkelijk herkenbaar en sluiten aan bij de beelden die ons elke dag weer omringen en beïnvloeden. Die banale en triviale beel­den trekken onze aandacht - hoe zou de reclame anders werken?  - omdat ze hier als schilderij worden gepresenteerd. Maar ze zijn veel meer dan dat: elk van die beelden heeft een bewerking ondergaan die bij de toeschouwer een drang laat ontstaan om bij het voorbijgaan terug te blikken. De netel is wel erg groen geschilderd, hij baadt in een lichtende, groene achtergrond, daar is wat mis.  Het kitscherige exotische landschap trekt helemaal niet aan, maar is dreigend, hier is de zondvloed nabij.  Bij een vrouwen­portret zijn de ogen, de lippen en de juwelen groen overschilderd, de verleiding is mond­dood gemaakt. De beelden van Ghekiere zijn sterke beelden, beelden die beklijven, beelden die bedriegen.

Praktische informatie

Joris  Ghekiere exposeert in Galerie Transit in Mechelen vanaf 21 november tot 23 januari 2005. Zandpoortvest 10 in 2800  Mechelen, tel. 015 336 336. Een monografie met interessant beeldmateriaal en teksten van Gerrit Vermeiren en Hilde Van Gelder werd in 2004 gepubliceerd door Galerie Koraalberg (gestopt).

Download hier de pdf

OKV2004.4 Joris Ghekiere.pdf