Twee kunstenaars vormen een koppel, wonen samen, maar hebben een eigen artistieke praktijk. Hoe gaan ze daarmee om? Welke invloeden heeft dat op hun artistieke ontwikkeling? Floris Van Look en Sietske Van Aerde delen hun ervaringen.

Sietske Van Aerde en Floris Van Look in hetzelfde schuitje

Sietske Van Aerde, Towel, 2022, Potlood en textielstift op katoen, 50 x 50 cm, Collectie Anny De Decker

Floris Van Look (°1990, Wilrijk) en Sietske Van Aerde (°1992, Bornem) ontmoetten elkaar in de middelbare school. Ook hun hogere studies volgden ze aan dezelfde instelling. In 2018 studeerden ze allebei af aan de Koninklijke Academie van Antwerpen. Sinds 2019 zijn ze een koppel.

Van Look volgde schilderkunst en legt zich toe op figuratieve schilderijen. Hij verbeeldt onder meer het leven van een mens met een ijsblok als hoofd en een figuur opgebouwd uit bakstenen. Zijn taferelen zijn grappig en tragisch. Van Aerde studeerde kostuumontwerp en werkt al sinds haar tweede jaar voor theaterproducties. “Ik ben een belangrijke assistent van de regisseur”, verklaart ze, “maar ik werk onder de radar en in opdracht. Ik mis een eigen stem en eigen projecten. Ik wil mijn ideeën graag omzetten in beeldend werk. Toen ik afstudeerde, startte ik met een opleiding schilderkunst. Dat hield ik slechts enkele maanden vol. Meteen nog een opleiding volgen, dat was te veel. Nu is het jammer dat ik die kennis mis. Voor ik met Floris samen was, begon ik terug vrij te tekenen, schilderen en driedimensionaal werk te maken. Mijn tekeningen zet ik om in plasticine. Intussen maak ik nog steeds theaterkostuums en beschouw ik mezelf als beginnend beeldend kunstenaar.”

Floris Van Look en Sietske Van Aerde in hetzelfde schuitje

Don’t Need Nobody, 2022, Olieverf op doek, 136 x 93 cm, Private collection, Belgium, Courtesy Keteleer Gallery

Gelijkenissen

“We voelen ons aangetrokken tot dezelfde dingen en hebben gedeelde interesses”, weet Van Aerde. “Dat klopt”, zegt Van Look. “Het is leuk dat we dezelfde humor delen.” Beide kunstenaars vertrekken van het alledaagse en de omgeving waarin ze wonen en leven. Ze delen een liefde voor het antropomorfe. Objecten, personages en dieren krijgen menselijke eigenschappen en emoties. “Onze relatie tot film is ook belangrijk”, duidt Van Look. “We kijken allebei op naar filmmakers. Ze moeten zo veel keuzes maken. Dat geeft ons soms het gevoel dat ons werk minderwaardig is. We gaan graag in competitie met het filmmedium. Kunnen we de materialiteit en het tactiele aspect van ons werk verbeteren? Dat zijn kwaliteiten waarin wij het verschil met films kunnen maken.” “Inderdaad”, vult Van Aerde aan. “Ik kijk bijvoorbeeld graag naar oudere Russische animatiefilms. Ze maken vaak gebruik van plasticine en dat beïnvloedt mijn werk. We bekijken veel films en beschouwen dat als de hoogste kunst. Zelf zouden we dat ook graag kunnen.”

De taferelen die in hun werk opduiken, zijn soms cartoonesk. Van Look schildert een kat die een trui breidt terwijl ze die al draagt. Een muis knipt de draad van de bol wol door. “Het doet mij denken aan Tom en Jerry”, zegt Van Aerde. “Het zou fijn zijn, mochten mijn kat en muis ook bewegen”, aldus Van Look. De verf is erg dik aangebracht. “Ik meng mijn verf met stopverf”, licht hij toe. “Ik was al pasteus aan het schilderen toen ik afstudeerde. De materialen die Sietske gebruikt voor haar kostuums, inspireren mij. Ze heeft veel ervaring met purschuim. Ik vroeg me af wat het zou geven als ik de dikte ik mijn schilderijen zou opdrijven.” “Ik leer net zo goed van Floris”, zegt Van Aerde. “We deden samen onderzoek naar hoe we meer volume konden creëren. Ik wilde dat ook in mijn plasticinewerken. Eerst gebruikte ik daarvoor epoxy. Ik verwerk ook papier-maché en textiel in de onderlagen.” Van Look gaf in navolging daarvan een boom op een van zijn schilderijen reliëf met epoxy. “Ik verving dat nadien door stopverf omdat het goedkoper is. Het is materiaal dat ik eenvoudig met olieverf kan beschilderen.” Van Aerde gebruikt intussen ook stopverf en beschildert die met acryl- en olieverf.

Floris Van Look en Sietske Van Aerde in hetzelfde schuitje

Kapstok, 2024, Geschilderd hout, 29 x 49,5 x 7,5 cm, Courtesy of the artist

Lazy Daisy I / Gatenkaas, 2023, Katoen, 153 x 50 cm, Courtesy of the artist Lazy Daisy II / Cosy Stripes, 2023, Textielverf op katoen en flanel, 115 x 62 cm, Courtesy of the artist Lazy Daisy III / Kreeft, 2024, Textielverf en jute op katoen, 114 x 48 cm, Courtesy of the artist

Verhalen

Van Aerde en Van Look maken niet alleen twee dimensionaal werk. De reeks badjassen van Van Aerde kan je dragen. “Ik wil er graag veel maken. In diverse materialen en verwijzend naar allerhande beroepen.” Ze presenteert een badjas als sculptuur. Ook Van Look maakt sculpturen en brengt zo zijn personages tot leven. De bakstenen man krijgt twee vrienden: een ananas in een overall en een hond met gras als haar. De man ligt vastgebonden op de grond. Wat er gaande is, blijft open voor interpretatie. Van Look laat zich inspireren door het boek Gullivers reizen van Jonathan Swift. Het verhaal vertelt over de scheeparts Gulliver die aanspoelt op het strand van Lilliputeiland. De Lilliputters zijn bang en binden hem vast. De sculpturen leven voort in zijn tekeningen en schilderijen. We zien de bakstenen man met de ananas en de hond in een roeibootje zitten. De titel is Das Narrenschif, naar het gelijknamige boek van Sebastian Brant. Ook Van Aerde haalt inspiratie uit literatuur. Zij verwijst met het werk What’s on the Menu naar de onthoofde Johannes de Doper. Hun levendige fantasie combineren ze met bestaande verhalen.

Sietske Van Aerde & Floris Van Look in hetzelfde schuitje

Floris Van Look, Thief, A3 oliepastel op papier, Courtesy Keteleer Gallery

Valkuilen

De combinatie van theaterkostuums en beeldend werk is voor Van Aerde niet vanzelfsprekend. “Het voedt elkaar op een positieve manier en de afstand tot mijn eigen praktijk is boeiend. Ik besef dat ik beiden niet kan blijven combineren. Ik werk mee aan grote producties. Ondertussen zit mijn hoofd bomvol ideeën. Ik moet die opschrijven en de realisatie uitstellen omdat ik er geen tijd voor heb. Dat is lastig. Soms benijd ik Floris omdat die elke dag in zijn atelier kan werken.” “Dat zou te saai zijn voor jou”, denkt Van Look. “Ik ben soms jaloers op het feit dat jij nog ander werk hebt.” “Ja, ik heb wel nood aan mensen om me heen”, beseft Van Aerde. “Misschien hou ik ook wel van de vlucht van het ene naar het andere. Toch zoek ik naar manieren om voor mijn eigen kunstenaarspraktijk te kunnen kiezen.”

In aanpak en karakter zijn ze eerder verschillend. Ze vullen elkaar aan en versterken elkaar. “Ik maak voornamelijk schilderijen in olieverf. Sietske experimenteert veel meer en doet veel onderzoek naar media en materialen. Ik ben voorzichtiger en commerciëler ingesteld.” “Ik neem inderdaad meer risico’s”, beaamt Van Aerde. “Het gevaar bij mij is dat ik te snel op andere ideeën spring. Als ik langer in een bepaald medium of met een materiaal zou werken, creëer ik misschien meer progressie. Daar vrees ik soms voor.” “Als je voor een galerie werkt, geeft dat zekerheid”, weet Van Look. Hij wordt vertegenwoordigd door Kettelleer Gallery in Antwerpen “Ook als mijn werk goed verkoopt, moet ik blijven experimenteren en mezelf uitdagen. Daar moet ik waakzaam voor zijn.”

Floris Van Look Sietske Van Aerde in hetzelfde schuitje

Floris Van Look, Narrenschiff 1, Olieverf op doek, 155x155cm, Courtesy Keteleer Gallery

Inspireren

Als je samenwoont, dan zie je en leer je van mekaar en van het leven samen. “We vertrekken allebei vanuit onze leefwereld”, verklaart Van Look, “zo gebeurt het dat we iets bij elkaar zien, dat we zelf willen maken.” “Het is leuk om ideeën uit te wisselen en dingen te delen”, vindt Van Aerde. “Floris is een doorgewinterde schilder, maar hij maakt ook sculpturen. Die zijn gemaakt met een bepaald je-m'en-foutisme, terwijl hij sommige elementen toch nauwgezet uitwerkt. Dat inspireert mij.” Beide kunstenaars evolueren van zwaar en pasteus naar lichter werk. “Een kunstenaar evolueert”, aldus Van Aerde. “We willen niet alleen de reputatie hebben van de kunstenaars met de dikke verf of plasticine”, vult Van Look aan. “Ik maakte recentelijk ook een reeks abstractere werken zonder personages.” “Ik heb een haat-liefdeverhouding met plasticine”, vertelt Van Aerde. “Ik vind het een guilty pleasure om ermee te werken, maar het resultaat is zwaar en moeilijk te stockeren. Vandaar mijn interesse in textiel. Tijdens mijn kostuumopleiding heb ik veel op textiel getekend. Ik maak nu tekeningen of ik borduur op stof. Ik experimenteerde toen met het smelten of samenbrengen van textiel. Daar ben ik opnieuw mee bezig. Al bevind ik me nog in een onderzoeksfase. Ik experimenteer en zoek hoe ik mijn ideeën en materialen kan samenbrengen.”

Floris Van Look en Sietske Van Aerde  in hetzelfde schuitje

Boven: Floris Van Look, Schetsboek, 2023, Oliepastel op papier, 31 x 42 cm, Verzameling van de kunstenaar.

Onder: Sietske Van Aerde & Floris Van Look, Drie tekeningen op A4 papier, 2021, Zwarte inkt Sietske Van Aerde, Blauwe inkt Floris Van Look, Collectie kunstenaars

Aanmoedigen

Beide kunstenaars combineren hun tekeningen met andere media. Ze zoeken naar manieren om hun schroom los te laten. “Als kind tekende ik al graag”, aldus Van Aerde. “Door eerst illustratie te gaan studeren, kreeg ik een degout aan tekenen. Daarna tekende ik een periode alleen nog in functie van kostuumontwerpen. Ik durfde niet naar buiten te komen met dat werk. Nu lukt dat wel, maar het blijft spannend. Zelf vind ik de droedels van Floris heel goed. Voor zijn aankomende tentoonstelling bij Ketteleer heeft hij een reeks tekeningen gemaakt. Ik ben blij dat hij er meer aandacht voor heeft.”

“Schetsen is belangrijk voor mij”, vindt Van Look. “Het geeft me een gevoel van vrijheid. Er is geen druk. Dat mis ik soms in mijn schilderijen. Het opzet was om de schilderijen die ik bij Ketteleer ga tonen, dichter bij mijn tekeningen te brengen. Een tekening duurt een minuut, terwijl ik aan een schilderij een maand of langer werk. Ik wilde sneller schilderen. Dat is mislukt. Ik ben trager gaan tekenen. Dat is al een stap in de goede richting. Ik tekende met oliepastel en koos twee papierformaten die groter zijn dan de kleinste schilderijen. Tot nog toe durfde ik mijn tekeningen niet te tonen. Ik vond ze niet goed genoeg. Nu ga ik er anders mee om.”

Sietske Van Aerde & Floris Van Look in hetzelfde schuitje

Floris Van Look, Fascist Cloud, Olieverf op doek, 48 x 43 cm, Courtesy Keteleer Gallery

Begrip

Elkaar stimuleren en helpen, gaat gepaard met feedback geven. “Sietske is overwegend positief over mijn werk en ik vertrouw haar oordeel.” “Floris is strenger. Hij geeft feedback als een werk af is. Wanneer ik tijdens het proces raad vraag, wil hij niets zeggen.” “Dat klopt. Tijdens het proces moet je niet naar anderen luisteren. Je zou rekening houden met wat ik zeg.” “Ja, ik luister naar andermans mening”, zegt Van Aerde. “Ik zie dat als een vorm van leren en verbeteren, maar ik besef dat het gevaarlijk kan zijn. Floris is daar sterker in. Hij laat zich niet zomaar beïnvloeden.”

Ze vinden niet alle werken of keuzes van mekaar even goed, maar artistieke meningsverschillen zijn er zelden. “Ons werk staat op de eerste plaats”, aldus Van Aerde. “We doen het graag. Dat begrijpen we van elkaar. Bijkomend is het zo waardevol dat we erover kunnen praten of nadenken.” “Een nadeel is dat je als kunstenaar nooit rust vindt”, ervaart Van Look. “Ja, chillen vinden we allebei moeilijk”, weet Van Aerde. “Wij zijn lichte workaholics. Ook als we op reis zijn, tekenen we. Tijdens verloren momenten geven we elkaar tekenopdrachten.” Dat levert fijne tekeningen op, al zien ze dat zelf niet als volwaardige werken.

Sietske Van Aerde en Floris Van Look in hetzelfde schuitje

Links: Sietske Van Aerde, What’s on the menu, 2022, Textiel, stopverf, olieverf, plasticine en lijm op hout, 150 x 150 cm, Courtesy of the artist

Rechts: Floris Van Look, Studie in epoxy, 2021, Epoxy en hout, 30 x 30 cm, Courtesy Keteleer Gallery

Samen

De twee kunstenaars stonden tot voor kort samen op Affiniteiten#6 in LLS Paleis, Antwerpen. Dit jaarlijkse terugkerende tentoonstellingsproject over kunstenaarskoppels toonde werk van Van Look en Van Aerde samen met dat van Maria Degrève en Patrick Van Caeckenbergh. Stella Lohaus selecteerde de werken op basis van gesprekken met de kunstenaars. Het ging om werken waarin de invloeden op elkaar een rol spelen. Van Aerde en Van Look hebben vaak dezelfde insteek, maar werken het anders uit. De inhoudelijk en vormelijke gelijkenissen zijn treffend en het voelt niet gezocht. Er is genoeg verschil om een grappige dialoog te creëren. Bovendien getuigt hun werk van een portie zelfrelativering. Het is speels en ontwapenend.

“We wilden al langer samen een expo doen”, zegt Van Look. “Het is tof dat wij nu de kans kregen. Voor de finissage maakten we samen T-shirts.” Ze beschouwen het als hun eerste volwaardige gezamenlijke werk. Smaakt dat naar meer? “Misschien kunnen we wel een duo vormen onder een andere naam”, oppert Van Look. Om samen een film te maken? “Wie weet”, zegt Van Aerde. “Dat zou cool zijn”, besluit Van Look.

Tentoonstelling

  • Van 4 mei tot 14 juni: De Goede Richting, een solo van Floris Van Look in Keteleer Gallery.