Het nieuwe stadsmuseum van Lier is als het cantoortje dat er te zien is, een bijzonder ladekastje, waar telkens andere parels uit rollen.

LIERENAARS

In Lier gingen het Stedelijk Museum Wuyts-Van Campen en baron Caroly en het Timmermans-Opsomerhuis op in het nieuwe Stadsmuseum Lier. Daarvoor werd het neogotische kasteeltje aan de Florent Van Cauwenberghstraat aangepast dat in 1892 speciaal voor het eerste legaat, van de Antwerpse kunstverzamelaar Jacob Wuyts, was gebouwd.

Een projectie op een maquette laat ontdekken hoe de stad zich ontwikkelde

Een projectie op een maquette laat ontdekken hoe de stad zich ontwikkelde

De focus verschoof naar het erfgoedmateriaal van de stad en de omgeving. De Lierenaars waren hierbij onmisbaar, volgens teamleider stadsmuseum en erfgoed Griet Van Opstal, omdat hun verhalen betekenis geven aan alledaagse objecten. Wel kan je je nog vergapen aan ‘Het Salon’ van baron Georges Caroly, dat nu historisch juister is gereconstrueerd in de geest van zijn huis aan de Komedieplaats in Antwerpen, compleet met suikergoedstaander en een cantoortje met geborduurde taferelen uit Ovidius’ Metamorfosen dat op de Topstukkenlijst van de Vlaamse Gemeenschap staat. Lierenaars hebben dit Salon al lang niet meer gezien, want het zat jaren verstopt achter een valse wand, waar het dienst deed als opslagplaats. Hier zijn ook andere topstukken te zien zoals het Familieportret van Frans Floris uit 1561 en een kopie die Pieter Brueghel de Jonge schilderde van de beroemde Spreekwoorden van zijn vader.

De typische Lierse steekkant is geen kloskant: bezoekers kunnen proberen om met een haaknaald op tule te borduren

De typische Lierse steekkant is geen kloskant: bezoekers kunnen proberen om met een haaknaald op tule te borduren

De thema’s van het museum werden aangebracht door Lierenaars die hun stad via postkaartjes typeerden en verder uitgediept met de hulp van dertig vrijwilligers. De uitdaging was om de ideeën ook aan archiefonderzoek te koppelen. Zo werd bijvoorbeeld duidelijk dat de geschiedenis van de typische Lierse steekkant (geen kloskant) nog gaten vertoonde. In het museum kan je eens proberen om met een haaknaald op tule te borduren. Als dat je ding niet is, kan je misschien het struifvogelspel spelen, een typisch caféspel dat in Lier in leven wordt gehouden. Het is de traditie om iedere score te noteren, ook die van beginners.

Ook de tijdelijke ‘wisselplekken’, waar telkens een andere Lierse vereniging en wijk in de kijker staan, zijn het resultaat van participatieve trajecten (in samenwerking met de kleine expeditie vzw). Welke objecten, symbolen en verhalen vonden de leden van Toneellabo Arlecchino waardevol om te bewaren en waarom? Welke herinneringen lieten de inwoners op de plattegrond van Koningshooikt optekenen? Vrijersstraatjes, griezelforten en plekken waar hertjes gespot zijn. Het resultaat ontroert ook een niet-Lierenaar. Hedendaagse kunstenaars worden gevraagd om Lier te vatten. De fotograaf Herman Van den Boom is als eerste te zien met een reeks over architecturale variëteit. Het werk van Lierse academiestudenten fotografie en poëzie hangt naast dat van vroegere meesters.

Een levensgrote 3D-print van de mammoet die in 1860 in Lier werd ontdekt, mocht niet ontbreken in het nieuwe stadsmuseum

Een levensgrote 3D-print van de mammoet die in 1860 in Lier werd ontdekt, mocht niet ontbreken in het nieuwe stadsmuseum

PARELS EN PAILETTEN

Zeg Lier en je krijgt automatisch ‘Lierke Plezierke’ als reactie. De eretitel die Felix Timmermans bedacht, is blijven hangen. Het is een van de thema’s in het museum, en vooral een voorbereiding om dat levend erfgoed op straat te beleven tijdens een van de processies, kermissen, en om de 25 jaar de Sint-Gummarusfeesten met waarschijnlijk de oudste en langste reuzentrein. In Lier, hoe kan het anders, dansen de reuzen. In het museum kunnen kinderen in de huppelpaardjes stappen die op kop van de reuzenstoet lopen. De Lierenaars trokken samen met het museumteam verder alle registers open: de groene omgeving, de middeleeuwse besloten stad, zorg en onderwijs, Lierse componisten en mystieke schrijfsters, de op- en neergang van nijverheden als het Lierse laken, zilver, parel- en paillettenwerk, en lierenaars, een soort knipmessen.

Het skelet van de mammoet van Lier dat in 1860 door kanaalgravers werd ontdekt, was de olifant in de kamer en moest er ook bij. Het werd een levensgrote 3D-print door het Belgische Materialise van het originele skelet dat bewaard wordt in het Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel. Door het skelet bot per bot in te scannen, werden er zelfs nieuwe ontdekkingen gedaan en is de staart van de mammoet sindsdien wat korter.

Boven een kleine maquette kunnen jong en oud een projectie in werking stellen om te zien hoe de stad zich ontwikkelde. Volg de voetsporen van de pelgrims die naar Lier kwamen na de heiligverklaring van de kluizenaar Gummarus in de achtste eeuw. De kudde schapen illustreert het alleenrecht dat Lier begin veertiende eeuw verkreeg op het inrichten van een veestapel in het hertogdom Brabant. Ook is te zien hoe de stadsomwalling, waarvan de Zimmertoren en de Gevangenpoort nog overblijfsels zijn, eerst niet en dan wel het begijnhof (“perel aan de Lierse kroon” volgens Timmermans) omsloot.

Door de verscheidenheid van de thema’s weet je bij het buitenstappen even niet goed waarvoor Lier nu staat. Dat is uiteindelijk beter dan een geforceerde rode draad. De verbindende factor zijn de Lierenaars of ‘Schapenkoppen’ zelf, wat het tot een echt stadsmuseum maakt. Ze worden bovendien overal geciteerd zodat je voelt dat het verleden doorwerkt. Onder het schilderij De Lierse zwartzusters met de verrezen Christus, Sint-Augustinus en Sint-Monica (1638) liggen zogenaamde ‘kruisjes van de goede dood’ waarmee deze zusters aan stervensbegeleiding deden. Hier is dan een citaat te lezen van de initiatiefneemster van Lost & Co, een Lierse organisatie die jongeren ondersteunt die met afscheid te maken krijgen.

‘Lierke Plezierke’, de eretitel die Felix Timmermans bedacht,  is een van de thema’s in het museum

‘Lierke Plezierke’, de eretitel die Felix Timmermans bedacht, is een van de thema’s in het museum

PALLIETERPLEKKEN

De expo opent met de ode aan de stad Lier die Timmermans in 1925 schreef. In het opengeslagen Schoon Lier wordt meteen de toon gezet, fier en met een kwinkslag: “De stappen klinken in de smalle straatjes, verbaasd over hun eigen lawijd, en een begijntje dat achter een venster zit te borduren, weet niet of ze U moet goedag knikken, en als ge al lang voorbij zijt doet z’het dan toch maar. Zij zijn gewoon van slechts O. L. Heer en de stilte te groeten. Elk straatje ziet op vrede; paasrode daken lachen in de lucht, en er zijn er daarbij die helemaal groen befluweeld zijn van zacht mos, om artistenfrakskens van te maken”.

De stappen klinken in de smalle straatjes, verbaasd over hun eigen lawijd, en een begijntje dat achter een venster zit te borduren, weet niet of ze U moet goedag knikken, en als ge al lang voorbij zijt doet z’het dan toch maar.
In ‘Het Gulden Kabinet’ zijn de Lierse kunstenaars Isidore Opsomer, Felix Timmermans en Raymond de la Haye prominent aanwezig

In ‘Het Gulden Kabinet’ zijn de Lierse kunstenaars Isidore Opsomer, Felix Timmermans en Raymond de la Haye prominent aanwezig

Op toeristische affiches wordt al dat schoons vanaf de jaren vijftig gretig het ‘Brugge der Kempen’ genoemd. Tijdens de wederopbouw na de Eerste Wereldoorlog koos Lier voor historische neostijlen waardoor de stad er ouder en pittoresker ging uitzien dan voorheen. In al zijn verhalen zet Felix Timmermans (1886-1947) naar eigen zeggen de tijd stil van toen hij twaalf jaar was. Naast het boek zie je op een scherm foto’s voorbijkomen die gepost worden op instagram (met #visitlier of #instadlier) waardoor iedereen zijn eigen tijd kan stilzetten. Elders kan je lezen wat er ooit voor ‘onzedigs’ werd geschrapt in Pallieter (1916) of vertellen Lierenaars hun Pallieterplekken.

Ook bij de onderdelen ‘Het Gulden Kabinet’ en ‘Schoon Lier’ met werk van Lierse kunstschilders is Timmermans alomtegenwoordig. Hier zijn de portretten te bewonderen van Isidore Opsomer en de landschappen van Raymond de la Haye zoals het luministische Zonsondergang op de Nete (1913). Timmermans is zelf met een Ensorachtig schilderijtje aanwezig, maar ook als portret dat Opsomer schilderde, of in een beschrijving over zijn eerste ontmoeting met de schilder De la Haye op de ‘kathedrale’ Begijnenvest: “De Nete was de Jordaan van zijn hart en de aderslag van zijn leven.”

De collecties in één museum samenbrengen voelt juist omdat in Lier woord en beeld door Timmermans onlosmakelijk verbonden zijn. Bij Timmermans’ schilderij Er gebeurt iets kan je luisteren naar wat een groep begijnen in het Liers met elkaar overleggen over iets buiten beeld. Er gebeurt inderdaad van alles in het stadsmuseum van Lier. Zo heeft deze Pallieter zin gekregen om uren te drentelen in de smalle straten van Lier en in het groene Neteland. Perels rapen.

Praktische informatie

Stadsmuseum Lier - Open: dinsdag t.e.m. zondag van 10 tot 17 uur – Gesloten: maandag - Florent Van Cauwenberghstraat 14 – 2500 Lier - T 03 8000 396

Download hier de pdf

Nieuw stadsmuseum Lier - Er gebeurt iets in het museum