Net als de Basiliek van Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel bezit de Sint-Jan Baptist ten Begijnhofkerk in Brussel werk van de vergeten barokmeester Theodoor van Loon in de oorspronkelijke context: De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus.

In Scherpenheuvel kan men zeven indrukwekkende schilderijen van Van Loon bekijken, een cyclus met taferelen uit het leven van Maria. Voor de Begijnhofkerk van Brussel schilderde Van Loon in 1622 een Tenhemelopneming van Maria ter versiering van het hoofdaltaar. Dit schilderij bevindt zich nu in de Koninklijke Musea in Brussel. Vier jaar later voltooide Van Loon een tweede schilderij voor de Begijnhofkerk, De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus. Misschien ontwierp hij ook het barokke portiekaltaar waarin dit schilderij nog steeds te bewonderen is, in het noordertransept.

Het altaar met in situ de De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus van Theodoor van Loon

Het altaar met in situ de De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus van Theodoor van Loon

Theodoor Van Loon schilderde De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus in opdracht van een Brusselse begijn, Catharina de Vischer (1584/1585-1647). Catharina stamde uit een vooraanstaande ambtenarenfamilie. In 1610 vestigde zij zich op het begijnhof. Ze was de organist van de begijnhofkerk en leidde ook het befaamde koor van de instelling. Uit een testament van mei 1626 blijkt dat ze een wankele gezondheid had en vreesde spoedig te sterven, hoewel ze nog 21 jaar zou leven. In elk geval legde ze toen bij een notaris vast dat Van Loons schilderij na voltooiing in een vergulde omlijsting op het altaar van Sint-Ursula moest worden geplaatst. Daarvoor legde ze geld opzij. Zijzelf wenste vlak daarbij begraven te worden. Dat is uiteindelijk niet gebeurd, al draagt een grafsteen bij het altaar nog wel Catharina’s naam.

De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus had duidelijk een persoonlijke betekenis voor de intelligente Catharina de Vischer. Ze zal veel met Van Loon gesproken hebben over alles wat het schilderij moest representeren. De legendarische koningsdochter Ursula was van oudsher een geliefde heilige van de begijnen, omdat ze gold als de patrones van leraressen, een beroep dat veel begijnen uitoefenden. Daarnaast riep men haar aan in nood, met name in het stervensuur. Het bedevaartsoord bij uitstek was de stad Keulen, waar Ursula met haar gevolg van 11.000 maagden vermoord zou zijn door een groep Hunnen. Misschien gebeurde dit in de derde eeuw, misschien in de vijfde. De marteldood van Ursula en haar 11.000 gezellinnen werd een belangrijk thema in de schilderkunst. Hans Memlings Sint-Ursulaschrijn in het Sint-Janshospitaal van Brugge (vóór 1489) is het kostbaarste voorbeeld in onze gewesten.

Theodoor van Loon, De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus, 1626, olieverf op doek Sint-Jan Baptist ten Begijnhofkerk, Brussel

Theodoor van Loon, De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus, 1626, olieverf op doek Sint-Jan Baptist ten Begijnhofkerk, Brussel

ONGEWOON GEZELSCHAP

In overleg met zijn opdrachtgeefster koos Theodoor van Loon voor een ander soort voorstelling. In de cartouche boven in het retabel lezen we dat Catharina de Vischer Ursula had laten afbeelden in het gezelschap van de heiligen Catharina, Barbara en Cecilia. Dit was ongewoon. Van Loon beeldde het ogenblik af waarop de geknielde Ursula de palm van de martelaars ontvangt uit de handen van het Christuskind, dat op de knie van zijn moeder zit. De schilder gaf dus een mystieke gebeurtenis weer, na het overlijden van de heilige, wanneer ze in de hemel aankomt. Van Loon verbleef meermaals in Italië en kende dus zeker de sacra conversazione, een type schilderij waarop Maria omringd wordt door (meestal) mannelijke heiligen. Anderzijds herinnert zijn compositie in de Begijnhofkerk aan de Virgo inter virgines, schilderijen uit de Lage Landen waarop Maria is voorgesteld als het middelpunt in een groepje lieflijke vrouwelijke heiligen, als een koningin met haar hofdames. De geknielde Ursula doet op haar beurt denken aan voorstellingen met Het mystiek huwelijk van de Heilige Catharina. Kortom, we zien een geleerde schilder aan het werk die kan spelen met traditionele iconografieën om nieuwe betekenis te scheppen.

MEESTERWERK VAN THEODOOR VAN LOON

De begijnen van het Brusselse begijnhof herkenden in dit schilderij zeker het onderliggende thema van het mystieke huwelijk, de spirituele bruiloft van de ziel met Christus. Dat concept speelde een belangrijke rol in hun religieuze leven. In de zeventiende eeuw verbond men het dikwijls met de tekst van psalm 45, Bruiloftsgedicht voor een koning. De muzikale Catharina de Vischer, organist en koorleidster, zal deze psalm regelmatig begeleid en gedirigeerd hebben in de kerk. De tekst past wonderwel bij dit schilderij vol magnifieke vrouwelijke personages. “Koningsdochters zijn onder uw schonen […] / Nog toeft in opperste pracht / in het binnenvertrek de prinses: / van goudbrokaat is haar gewaad. / Naar waar de borduurselen prijken, / naar de koning wordt zij geleid; / meisjes in haar gevolg, gezellinnen, / ook zij worden tot u gebracht, / voortgeleid onder vreugde en jubel. / Zo treden zij de troonzaal in.” Ursula knielt blij neer om de palm te ontvangen. Met haar rechterhand wijst ze naar de heilige aan de andere zijde van Maria’s troon: Catharina van Alexandrië, herkenbaar aan het wiel waarop ze geradbraakt werd en het zwaard waarmee ze onthoofd is. Links van Maria’s troon staan de betoverende Barbara en Cecilia. Boven hun hoofden dragen engelen hun attributen: de toren van Barbara, het orgel van Cecilia. Achter Maria zien we een jeugdige Jozef met een bloeiende lelietak in zijn hand. Naast hem staat een engel met in de ene hand een bloemenkrans en in de andere een martelaarspalm, die hij Catharina lijkt te willen aanreiken.

Koningsdochters zijn onder uw schonen […] / Nog toeft in opperste pracht / in het binnenvertrek de prinses: / van goudbrokaat is haar gewaad. / Naar waar de borduurselen prijken, / naar de koning wordt zij geleid; / meisjes in haar gevolg, gezellinnen, / ook zij worden tot u gebracht, / voortgeleid onder vreugde en jubel. / Zo treden zij de troonzaal in.
beguinhofkerk

Wat zag Catharina de Vischer wanneer zij het schilderij bekeek? Zij zag haar eigen naamheilige, die ook de naamheilige van haar moeder was; zij zag in Barbara de naamheilige van een tante, die eveneens begijn was geworden; zij zag in Cecilia de beschermheilige van de muzikanten, zoals zijzelf er een was. Opmerkelijk zijn ook de putti op de voorgrond, waarvan er één met een zwaard tegen Sint-Catharina’s buik drukt. Mogelijk een verwijzing naar de pijnlijke ziekte die de opdrachtgeefster kwelde: nierstenen. Ziekte als martelaarschap dat ooit ook beloond zou worden?

Catharina de Vischer zag ook een meesterwerk. Van Loon, die net als Rubens erg onder de indruk was van Caravaggio, componeerde hier een symfonie van personages die er tegelijkertijd aards en verheerlijkt uitzien, met hun stralende minzame gezichten en mooie jonge handen. Die bijzondere combinatie van realisme en stilering is Van Loons handelsmerk. Zijn heiligen zien eruit als vrouwen die je op straat zou kunnen tegenkomen, maar dan op hun allerbest. De hemel lijkt in zijn werk op een plaats waar we vertrouwde gezichten kunnen zien. Het gaf Catharina de Vischer moed, en het kan een voorbijganger in de Begijnhofkerk nog altijd moed schenken. Zulke schilderijen zijn niet overbodig, want ook de armste mens leeft niet van brood alleen.

Literatuurlijst

  • Psalm 45, in de Bijbel. Uit de grondtekst vertaald, 1989, Boxtel, p. 710-711
  • Les Onze Mille Vierges, in J. de Voragine, La légende dorée, voorwoord door J. Le Goff , (Bibliothèque de la Pléiade, 504), 2010, p. 867.
  • E. Nagelsmit, De begijnen als opdrachtgevers. Theodoor van Loons altaarstukken in de Brusselse Begijnhofkerk, in Theodoor van Loon. ‘Pictor ingenius’ en tijdgenoot van Rubens, (Cahiers van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, 10), Gent-Kortrijk, 2011, p. 63-77.

Praktische informatie

Sint-Jan Baptist ten Begijnhofkerk - Open: maandag t.e.m. vrijdag van 09 tot 17 uur, zaterdag van 14 tot 18 uur, zondag van 10 tot 16 uur - Begijnhof, 1000 Brussel

Vlaamse Meesters in situ: een voorsmaakje

Het project Vlaamse Meesters in Situ van Openbaar Kunstbezit Vlaanderen opent volgend jaar tijdens het toeristisch seizoen in heel Vlaanderen en Brussel een veertigtal sites waar werken van Vlaamse Meesters uit de vijftiende, zestiende en zeventiende eeuw nog te beleven zijn op hun oorspronkelijke plek.

Als voorsmaakje, ter gelegenheid van de expo over Theodoor van Loon van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in BOZAR, presenteert OKV vanaf 10 oktober 2018 twee sites met topwerken van deze kunstenaar: De heilige Ursula gekroond door het Kind Jezus in de Sint-Jan Baptist ten Begijnhofkerk in Brussel en de Mariacyclus in de Basiliek Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel.

In beide kerken zijn de schilderijen optimaal belicht. Een aanraakscherm geeft alle informatie over Theodoor van Loon, over de schilderijen en over het in situ-verhaal. Via audio en video kan de bezoeker de schilderijen optimaal beleven. In de Begijnhofkerk in Brussel verrast geurkunstenaar Peter De Cupere met een extra ervaring.

Meer informatie op de website.

Download hier de pdf

“Koningsdochters zijn onder uw schonen” - Voor een Brusselse begijn