Voor zijn eerste collectiepresentatie gaat Parcum, dialoogmuseum voor religie, kunst en cultuur, aftastend te werk, waardoor ze iedereen kan aanspreken die geïnteresseerd is in de zingevende mens.

Anoniem (Zuidelijke Nederlanden), Christus op de koude steen, ca. 1500, hout, h. 35,5 cm PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE ZUSTERS ANNONCIADEN VAN HULDENBERG

Anoniem (Zuidelijke Nederlanden), Christus op de koude steen, ca. 1500, hout, h. 35,5 cm PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE ZUSTERS ANNONCIADEN VAN HULDENBERG

Dicht op de huid

Een beeldje van een gezeten Jezus met bloedvlekken over het ganse lichaam (circa 1500), een negentiende-eeuws lint net zo lang als de omtrek van de zuil waaraan Christus gegeseld werd. En die delicate handen van Jezus die het kruis omklemmen op een paneel van Michel Coxcie (1499-1592), onze Vlaamse Rafaël. Je zou van al dat lijden niet meer bijkomen mocht de expo niet ontroeren. We weten nog niet zeker of dat komt door de ruimte die de religieuze objecten krijgen, zodat er niets is wat afleidt. Het kunnen ook de verhalen zijn die je via de audiogids of de catalogus meekrijgt, waardoor je beseft dat al dat meten, tellen en verbeelden van het lijden van Christus sinds de late middeleeuwen manieren waren om dichter bij de Allerhoogste te komen. “Vergelijk het met verliefdheid,” zegt curator Liesbet Kusters wel eens aan jongeren zodat ze er zich iets bij kunnen voorstellen, “dan wil je via Facebook ook alles over die persoon te weten komen”.

Jezus die zit te wachten terwijl de beulen het kruis gereedmaken, voorgesteld als ‘Christus op de koude steen’, staat nergens in het evangelie, maar komt pas voor in laatmiddeleeuwse traktaten. Het is namelijk “zoeter”, zoals Ludolf van Saksen het in zijn Vita Christi schrijft: “om je te zien als een man die de menselijke natuur in zich draagt, van het begin tot het einde, dan als een god in zijn verheven aard”.

Een negentiende-eeuwse staakbeeld van Maria met het kindje Jezus, dat werd rondgedragen tijdens processies, wordt getoond in onderkledij, waardoor er ook hier een teerheid van uitgaat. We stellen er ons de toegewijde handen bij voor die telkens opnieuw de strikjes van de onderkledij knoopten en het beeld optuigden.

Door objecten uit hun historische context te halen, kijken bezoekers en wij er anders naar, maar de kunstenaars zelf kunnen ook nieuwe inzichten krijgen
Michiel Coxcie, De kruisdraging, 1575-1600, olieverf op paneel, 133 x 109 cm PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE PATERS REDEMPTORISTEN VAN JETTE

Michiel Coxcie, De kruisdraging, 1575-1600, olieverf op paneel, 133 x 109 cm PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE PATERS REDEMPTORISTEN VAN JETTE

Parcum dat werd ondergebracht in de norbertijnenabdij van Heverlee wil naar analogie met de dialoogscholen van het katholiek onderwijs een dialoogmuseum zijn. Het zoekt daarom verbinding met andere religies en levensbeschouwingen, en dus ook met hedendaagse kunstenaars: “Door objecten uit hun historische context te halen, kijken bezoekers en wij er anders naar, maar de kunstenaars zelf kunnen ook nieuwe inzichten krijgen.” Toen Berlinde De Bruyckere (°1964) buiten dekens ging ophangen om ze een jaar lang ongemoeid te laten, moest ze meteen denken aan de nagels van het kruis. Door de combinatie met het doosje met een Vera Icon (19de-20ste eeuw) uit de collectie, meenden we in de verweerde dekens menselijke trekken te herkennen (Courtyard tale’s, 2017-2018). Een Vera Icon verwijst naar de legende waarin Veronica haar zakdoek aan de lijdende Christus aanbiedt waardoor er een afdruk van zijn gezicht op achterblijft. Op dezelfde manier werken het beeldje Christus op de koude steen en de video KING (2015-16) op elkaar in. De video van David Claerbout (°1969) vertrekt van een Elvisfoto van Alfred Wertheimer uit 1956 waarbij de camera traag en zonder geluid wentelt rond het lichaam van Elvis in short. De zittende Jezus draagt ook enkel een lendendoek, en de bloedvlekken zijn bij Elvis moedervlekjes. Door deze analogieën kijk je anders naar beiden, vooral als je de audiogids even laat zwijgen.

Frans Reper, Reliekbeeld heilige Clara, 19de-20ste eeuw, gips en was, h. 103 cm (romp) PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE GRAUWZUSTERS VAN ANTWERPEN

Frans Reper, Reliekbeeld heilige Clara, 19de-20ste eeuw, gips en was, h. 103 cm (romp) PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE GRAUWZUSTERS VAN ANTWERPEN

VERHALEN BORGEN

“De collectie bleek zo divers dat we door het idee van een expo zelf een waarderings- en selectieproces doormaakten,” zegt Kusters: “Wat is een religieus erfgoed nu eigenlijk? Is dat niet het collectief geheugen van iedereen? Wat met het sluiten van nog meer kloosters en nieuwe giften? Zorg dragen voor de stukken is een ding, maar we willen ook zoeken naar manieren om de verhalen errond te behouden. Hoe gaan we die verhalen borgen?”

Tot de topstukken van de collectie behoren het olieverfschilderij op paneel De kruisdraging (1575-1600) van Coxcie dat in 2012 tijdens een inventarisatie van het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur werd ontdekt op de zolder van een Jets klooster van de Paters Redemptoristen. Het is ook uitzonderlijk dat een bewegend Jezuskind in de kribbe (1875-1925) bewaard is gebleven. De zusters mochten met Kerstmis elk om beurt met het opwindmechanisme even Jezus wiegen. 

Ria Pacquée, Madame going on pilgrimage to Lourdes, 1989, één van de zestien prints op doek, 50 x 75 cm (elk) - COURTESY OF THE ARTIST

Ria Pacquée, Madame going on pilgrimage to Lourdes, 1989, één van de zestien prints op doek, 50 x 75 cm (elk) - COURTESY OF THE ARTIST

Verder is er een merkwaardig zelfbouwpakket in was en gips van de heilige Clara met reliekhouder en een keur aan wassen oren, ex voto’s, om de heilige Quirinus te vragen van oorpijn verlost te worden of om hem te bedanken wanneer het verzoek werd ingewilligd. Voor een hoge kast kan je je ogen laten dwalen over allerlei religieuze attributen zoals knutselmateriaal om rozenkransen te maken (in doosjes voor filmrolletjes van Agfa-Gevaert), een stapel ongebruikte stickers: ‘Deze stof heeft het lichaam der H. Rita aangeraakt’ of het ‘pillendoosje’ met spreuken en verzen uit de Bijbel. Telkens zijn de verhalen achter de objecten een meerwaarde, zo verwijzen de doorgeknipte zilveren ringen van overleden zusters naar de mystieke liefde tussen Christus en zijn bruid, de menselijke ziel.

Liturgisch speelset, België, 1875-1925, hout, papier, metaal en stof, 74 x 76 x 65 cm PARCUM, LEUVEN, PRIVÉCOLLECTIE

Liturgisch speelset, België, 1875-1925, hout, papier, metaal en stof, 74 x 76 x 65 cm PARCUM, LEUVEN, PRIVÉCOLLECTIE

194.53+194.55

Links: Bewegend Jezuskind in kribbe, Antwerpen, 1734 (sokkel), 1875-1925 (Christuskind) en eerste helft 20ste eeuw (kast), hout, zilver, glas, metaal, stro, was en textiel, 170 x 69,5 x 60 cm PARCUM, LEUVEN, COLLECTIE ZUSTERS APOSTOLINNEN VAN BERCHEM

Rechts: Devotieprent Alziend Oog, België, 20ste eeuw, hout en papier, 34 x 44 cm PARCUM, LEUVEN, PRIVÉCOLLECTIE

HOUVAST IN VELE GEDAANTEN

Op de zolder worden voorwerpen getoond die mensen in huis hadden. Er zijn verrassingen zoals een liturgisch theatertje waarmee kinderen de zeven sacramenten konden naspelen, holografische devotieprenten en een gekruisigde Jezus in een fles. Toch zijn het vooral alledaagse voorwerpen die een paar decennia geleden nog in bijna elke Vlaamse huiskamer te vinden waren, zoals een Mariabeeld onder een glazen stolp of een Heilig Hartbeeld waarbij het hart van Christus op een geijkte wijze moest worden voorgesteld. Je bad tot een beeltenis van de heilige Antonius ‘Toontje’ van Padua als je iets kwijt was of, als je als vrouw een echtgenoot zocht. Volgens de legende zette Antonius een been terug aan een jongetje dat het uit berouw had afgehakt omdat hij er zij moeder mee had geschopt.

Al die heiligen in huis waren (en zijn nog steeds) een houvast – zogenaamde vuistbeeldjes pasten in de hand – wanneer onheil dreigde of fungeerden als gids van geboorte tot overlijden. In de Eerste Wereldoorlog werden gelovigen zelfs opgeroepen zich te wenden tot het Heilig Hart. Wie heiligenbeelden als kind een beetje griezelig vond, ziet hier het grotere plaatje. Onder die devotieprent met het Alziend Oog ‘God ziet mij. Hier vloekt men niet’ voelen we ons nog altijd niet op ons gemak, maar dat was wellicht ook niet de bedoeling.

In de pandgang zijn religieuze voorwerpen te vinden waaraan de mensen die ze in bruikleen gaven een bijzondere betekenis hechten. Met de tinnen kindermisset mocht alleen de jongen des huizes spelen, zijn zussen ontvingen dan wel een letterkoekje tijdens de communie.

Onze neiging tot houvast wordt beproefd door de ingreep van Guillaume Bijl (°1946) die speciaal voor de expo een Verkoopstand Religieuze Objecten nabouwde tot en met de obligate plantenpot. Sommige bezoekers grepen vergeefs naar hun portemonnee. Het Nonneke van Brugge van Bijl had ons ook even doen schrikken. De levensechte installaties van Bijl vestigen, net zoals de fotoreeks van performancekunstenaar Ria Pacquée (°1954) Madame going on pilgrimage to Lourdes, de aandacht op onze eigen rol bij rituelen en gebruiken, of het nu een bedevaart of kerkbezoek is, maar ook een museumbezoek. Wat is dat eigenlijk, een museum van religieuze objecten, of zelfs een museum? Kusters als we haar de vraag stellen: “Wat we niet doen, is met concrete antwoorden komen.”

Tentoonstelling

This is not a collection - Nog t.e.m. 3 november 2019 - Open: dinsdag t.e.m. zondag van 10 tot 17 uur – Gesloten: maandag - Parcum - Abdij van Park 7, 3001 Heverlee - T 016 40 01 51 

Website

Download hier de pdf

Dit is geen collectie - Religieus erfgoed met potentieel.