Het is voor het eerst dat het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten en het Rubenshuis het diverse en rijke oeuvre van Hans Vredeman de Vries aan een rijk publiek voorstellen.
Dit gebeurt aan de hand van een unieke dubbeltentoonstelling  die in nauwe samenwerking met het Weserrenaissance Museum Schloss Brake in Lemgo (Duitsland) tot stand kwam.

Hans wie?

Hij kwam uit Friesland, reisde zijn leven lang rusteloos door Europa en bracht als een van de eersten de artistieke beeldtaal van de Italiaanse Renaissance naar het Noorden. Hans Vredeman de Vries (1526-1609) was een ondernemend schilder, architect en ontwerper va n tuinen, interieurs en meubilair.  Hij schreef ook twee belangrijke studies over de kunst van het bouwen en de centrale perspectief.  De invloed van zijn werk en vooral van zijn prenten met ornamenten en imaginaire architectuur bleef tot diep in de 19de eeuw voelbaar.
Hans Vredeman de Vries geldt niet alleen als een van de grote vernieuwers van de 16de-eeuwse kunst in de Nederlanden, hij wordt ook beschouwd als een van de grondleggers van de architectuurschilderkunst

Een universele mens

Vooral zijn interieurs en ideale stadsgezichten ademen een opmerkelijke weidsheid en diepte. Deze verbeelde ruimten zijn als het ware 'stijloefeningen' in het schilderen én het bouwen. Ook zijn etsen en gravures - onder andere van tuinen en toegepaste kunsten - bieden een staalkaart van motieven en elementen die aan de klassieke Oudheid zijn ontleend.
Hans Vredeman de Vries bestudeerde de architectuurtraktaten va n Vitruvius en Serlio, verzorgde zelf tal van publicaties en toont zich in zijn vele ontwerpen op papier een volleerd en ingenieus bouwmeester. Kortom, Johan Frisio - zoals hij ook wel wordt genoemd - was een 'uomo universale'.

Een absolute voorloper

In het Koninklijk Museum staat het werk van Vredeman als perspectiefkunstenaar, virtueel architect, allround designer en schilder van heerlijke  luchtkastelen centraal. Sedert Jan Van Eyck werden in de Nederlanden driedimensionale voorstellingen van de wereld gerealiseerd. Maar de Italiaanse methode om op een rationele wijze volgens de regels van de meetkunde een perspectief met een centraal vluchtpunt te construeren was meer dan een eeuw later nog maar nauwelijks bekend.  Wanneer Vredeman de Vries zich in 1548 in Antwerpen vestigde was hij een van de eerste kunstenaars die zich zou specialiseren in de mogelijkheden va n deze methode.
Honderden kunstenaars in de Nederlanden en de Duitse regio's hebben in de 16de en 17de eeuw de boeken van Vredeman grondig bestudeerd en zichzelf zo een gloednieuwe artistieke methode aangeleerd. Het grootste deel van Vredemans werk bestaat uit meer dan 480 gravures die grotendeels in Antwerpen werden gedrukt. Ook de kopergravure zelf was omstreeks 1550 nog een relatief nieuwe artistieke techniek en Antwerpen werd snel het belangrijkste productiecentrum.

Een vroeg voorbeeld van virtuele realiteit

Vredemans prenten omvatten perspectiefvoorbeelden, ontwerpen voor ornamenten en allerlei meubilair in de vooruitstreven de stijl die we nu Renaissance noemen.
Als architect of allround designer was Vredeman grotendeels virtueel bezig en wat van zijn hand bewaard  bleef zijn honderden geraffineerde prenten en enkele tientallen getekende ontwerpen voor deze prenten. Als schilder van prachtige paleizen en tuinen kon Vredeman zijn verbeelding pas echt de vrije loop laten. Een 25-tal schilderijen met voorstellingen van ideale steden en "luchtkastelen" worden voor het eerst samengebracht. Ook de achtdelige politieke allegorie op het goede bestuur uit het voormalig raadshuis van Gdansk (Danzig) wordt getoond. Vredeman was wellicht een van de allereerste kunstenaars om de architectuur als het hoofdmotief van een schilderij te behandelen. Hij ligt hier dus aan de basis van een kunstvorm die haar hoogtepunt zal kennen in het werk van de beroemde Hollandse schilder Saenredam. 

In den hof!

Het Rubenshuis focust op Vredemans invloedrijke prenten en publicaties voor tuinen en tuindecoraties. In de Renaissance vormden tuinen immers een belangrijk onderdeel van de buitenplaatsen, de huizen in de stad en de paleizen van de burgerij en de adel. De tuin was naar het voorbeeld van de klassieke wereld een soort geïdealiseerd landschap voor een aangename verpozing. De verspreiding van het ideaalbeeld van de Renaissancetuin met zijn typische loofgangen, bomen en planten, parterres en bloemperken , ingangsportalen en omheiningen, grotto's en fonteinen, labyrinten en beelden kende in die periode een enorm succes.

Groene vingers

Tegelijkertijd ontstond de behoefte aan kennis over tuinen - en hun geschiedenis -, over de bloemen- en boomsoorten die men kon planten en over de praktische regels voor aanleg en onderhoud. Voor al deze verschillende aspecten ontwikkelde zich een eigen litteratuur waarin illustraties een belangrijke en stimulerende rol speelden. Met de publicatie in 1583 van zijn 'Hortorum viridariorumque elegantes & multiplicis formae' is Hans Vredeman de Vries de eerste ontwerper  die het publiek voorzag van een dergelijke serie tuinontwerpen.   De Latijnse titel van de serie maakt duidelijk dat het handelt over sierlijke en veelsoortige afbeeldingen van tuinen en boomgaarden (parken) vakkundig uitgetekend naar de maatstaven van de kunst der architectuur. In 1587 volgde een tweede, kleinere serie van vergelijkbare ontwerpen, maar nu zonder titel.
In de tentoonstelling zullen ruim 60 werken te zien zijn, waaronder alle prenten van Vredemans tuinontwerpen, ontwerptekeningen en ingekleurde etsen.

Praktische informatie

TUSSEN STADSPALEIZEN EN LUCHTKASTELEN - van 14 september 2002 tot 8 december 2002  - Koninklijk Museum voor Schone Kunsten  Antwerpen
DE WERELD IS EEN TUIN, Rubenshuis, Antwerpen

Download hier de pdf

OKV2002.3 Hans Vredeman de Vries.pdf